De fiscus is nieuwsgierig, niet alleen naar uw inkomsten (zie eerste luik), maar ook naar uw bezittingen. Dit om diverse redenen. Soms leveren uw bezittingen belastbare inkomsten op, en dan wil de fiscus graag controleren of u die inkomsten wel hebt aangegeven. Het gaat dan bijvoorbeeld om onroerende goederen, of roerende effecten.  En soms wil zij gewoon nagaan of u zich bepaalde bezittingen die een grote uitgave met zich meebrengen wel kunt veroorloven met de inkomsten die u hebt aangegeven. In dat laatste geval spreekt men van een indiciair onderzoek, of een indiciaire afrekening. De uiterlijke tekenen en indiciën van welvaart worden vergeleken met uw aangegeven inkomsten. Wanneer er sprake is van een indiciair tekort zal de fiscus overgaan tot een bijkomende belastingheffing.  

Onroerende goederen Onroerend goed in België.

Belgisch onroerend goed kan u onmogelijk verborgen houden voor de fiscus. Er bestaat een automatische gegevensuitwisseling tussen de administratie van het kadaster en die van de directe belastingen. De controleambtenaar kan onmiddellijk zien of en over hoeveel onroerende goederen u beschikt.  Tot voor kort kon u uw onroerende bezittingen anonimiseren door ze onder te brengen in een vennootschap met anoniem aandeelhouderschap, maar dit is een aflopend verhaal : vanaf 1 januari 2008 mogen er geen nieuwe anonieme effecten (aandelen, obligaties, kasbons) meer op de markt komen. Dat betekent concreet dat de nieuwe effecten ofwel op naam moeten zijn, ofwel op een effectenrekening moeten staan. Alle in het verleden uitgegeven effecten moeten uiterlijk tegen 31 december 2013 omgezet zijn in effecten op naam of op een effectenrekening staan. 

Buitenlands onroerend goed.

Voor gegevens over buitenlands onroerend goed moeten de Belgische fiscus rekenen op haar buitenlandse zusteradministraties. Er vindt uitwisseling van informatie plaats, maar op zeer beperkte schaal. Soms is de uitwisseling spontaan, soms op verzoek van België, maar altijd op basis van Europese richtlijnen en verdragen.  De uitwisseling van gegevens met Frankrijk is het best uitgebouwd : daar is er zelfs sprake van een automatische uitwisseling van gegevens over de aankoop van onroerende goederen. Alhoewel, echt vlot lijkt het toch niet te lopen. Zo maakte SPA-kamerlid Van der Maelen in 2005 bekend dat hij via Franse bronnen aan cijfers geraakt was over het aantal eigendommen van Belgen in Frankrijk. Dat zouden er liefst 49.000 zijn. Bovendien waren Belgen tussen 1999 en 2003 21.000 keer betrokken bij een aan- of verkoop van onroerend goed in Frankrijk. Beide cijfers liggen veel hoger dan de 12.400 aangiften van een eigendom in het buitenland die de Belgen doen, voor alle landen samen … In 2003 ontving België 5.815 meldingen. Maar als je weet dat in die periode tussen de 200 en 300.000 Nederlanders een onroerend goed in Frankrijk hebben aangegeven, is het duidelijk dat de uitwisseling gebrekkig verloopt. Over informatie inzake onroerende goederen uit andere Europese landen beschikt de fiscus slechts sporadisch. 

Roerend vermogenBelgisch vermogen.

Uw roerend vermogen wordt niet op een systematische wijze geïnventariseerd door de fiscus. Tot nu toe lag de nadruk op het sluitend maken van de informatievergaring over roerende inkomsten (zie deel 1).  Maar de fiscus heeft wel degelijk de bedoeling een vermogenskadaster op te bouwen. Het gaat om een kadaster van de roerende vermogens, dus een register waarin al het roerend bezit van de Belgen staat genoteerd, een beetje zoals het onroerend kadaster dat nu al bestaat. Vanaf 2009 gaat de inzameling van de informatie over roerende bezittingen van start en die zou eindigen in 2011. Het verdwijnen van de effecten aan toonder, geleidelijk vanaf 2008 en definitief vanaf 2013, zal de informatievergaring vergemakkelijken. 

Buitenlands vermogen.

Ook het buitenlands vermogen wordt niet systematisch in kaart gebracht. Ook hier wordt prioriteit gegeven aan het ontwikkelen van een controlesysteem over de roerende inkomsten. Denk maar aan de Europese Spaarrichtlijn. Het komt wel eens voor dat “per ongeluk” een pakket informatie aan de oren komt van de Belgische fiscus, die in dat geval niet zal nalaten haar slag te slaan. Denken we bijvoorbeeld aan de zaak KB-Lux uit de jaren negentig, of, meer recent, aan de fameuze Liechtenstein-lijst. In deze laatste zaak heeft de Bijzondere Belastinginspectie laten weten dat ofwel de Duitse fiscus spontaan informatie zal verstrekken aan de Belgische belastingsdiensten, ofwel, wanneer de Belgische fiscus verneemt dat er Belgische belastingsplichtigen betrokken zijn bij het fraudecircuit, de BBI een verzoek om inlichtingen aan Duitsland zal sturen. 

Auto’s 

Persoonlijke naam

Wat auto’s betreft is het verhaal dubbel. Als u een wagen inschrijft op uw persoonlijke naam, dan is dit automatisch een bekend gegeven voor uw aanslagambtenaar : de informaticatool van de ambtenaar van de directe belastingen is direct gekoppeld aan het bestand van de verkeersbelasting. Dit kan in uw voordeel spelen. Bijvoorbeeld wanneer u als loontrekker of bedrijfsleider uw kosten voor het woon-werkverkeer bewijst. Wanneer een voertuig is ingeschreven op uw naam zal de fiscus ervan uitgaan dat u het woon-werkverkeer met dat voertuig hebt afgelegd.  

Leasing.

Anders is het gesteld met leasewagens. In dat geval leidt de nummerplaat naar een leasingmaatschappij. De fiscus kan dan uiteraard een vraag om inlichtingen sturen naar deze maatschappij om te vragen wie de wagen least. In de meeste gevallen is dat de werkgever of uw eigen vennootschap. Wanneer u voor uw privaat gebruik kan beschikken over de leasewagen, moet er een fiche 281.10 (werknemer) of 281.20 (bedrijfsleider) worden opgesteld waarop het voordeel van alle aard staat vermeld.  

Huur.  

Bezitters van kapitalen die het daglicht niet mogen zien zullen tevergeefs aankloppen bij een leasemaatschappij om een wagen te mogen leasen. Particulieren zijn sowieso uitgesloten, en vennootschappen zullen onderzocht worden op hun kredietwaardigheid. Waar deze personen wel eens hun toevlucht toe nemen, zijn de huurcontracten op kort of middellange termijn die rechtstreeks worden voorgesteld door garages. In dat geval kan u volledig anoniem over een voertuig beschikken. Enkel een fiscale controle bij de garage zou eventueel tot gevolg kunnen hebben dat de fiscus weet krijgt van de maandelijkse betalingen die u daar verricht. 

Kunstwerken 

Als u hier of daar in een galerij een kunstwerk aankoopt, is er zeer weinig kans de fiscus hiervan weet krijgt. Op veilingen daarentegen kan al eens een ambtenaar van de opsporingsinspectie rondlopen. Daarenboven moet je er ook rekening mee houden dat  

Reizen 

Er is geen opgelegd systeem van uitwisseling van gegevens tussen de actoren in de reissector en de fiscus. Deze laatste wordt dus niet automatisch op de hoogte gebracht van uw super de luxe rondreis van 6 weken doorheen de USA. Maar hoedt u er wel voor zakenreizen voor te stellen als vakantieuitstapjes : bij elke routinecontrole van de kosten kunnen er verdere vragen worden gesteld, en zijn zelfs als specifieke controleacties uitgevoerd in de sector van de reisbureaus, met als doel facturen met omfloerste omschrijvingen, die voorgesteld werden als zakenreizen, te ontmaskeren als private reizen.    

Restaurants 

Ook de horecasector blijft gespaard van elke vorm van indiscretie vanwege de fiscus. Alleen wie probeert de kosten van zijn culinaire genoegens als beroepskost in rekening te brengen, moet er rekening mee houden dat restaurantkosten één van de favoriete rubrieken is van de doorsnee belastingcontroleur.  

Een zeiljacht 

Nu de babyboomers op pensioen gaan zijn er hoe langer hoe meer kapitaalkrachtige mensen met tijd, die nog in een relatief goede gezondheid verkeren. En die dromen wel eens van een grote wereldreis, met een zeiljacht. Zelfs als u met een Belgische vlaggenbrief vaart, zal uw controleur niet automatisch op de hoogte worden gebracht van het feit dat u zich een folieke heeft veroorloofd, al is het in deze omstandigheden niet uitgesloten dat het bezit van uw juweeltje ter ore komt van uw controleur. Wanneer u de boot registreert onder een buitenlandse vlag, is dat risico quasi uitgesloten. Wel wordt het dan wat delicaat als u de boot langdurig in een Belgisch dok laat liggen. Bij gebruik in België moet u de boot immers inschrijven onder een Belgische vlag.  

De witwaswetgeving 

Een alternatieve aanpak voor het in kaart brengen van vermogens, is het in kaart brengen van verschuivingen van geld. Door deze verplicht zichtbaar en transparant te maken, krijgt de fiscus automatisch zicht op het bestaan van verborgen vermogen, of werkt het ontradend om vermogen verborgen te houden, want het komt bij de minste verschuiving toch naar boven. Dat is de spirit van de sommige aspecten van de witwaswetgeving. Het zijn maatregelen met als doel ervoor te zorgen dat de transacties via het banksysteem verlopen, zodat ze een spoor nalaten. Op die manier kan de belastingadministratie niet alleen uw inkomsten, maar ook uw uitgaven traceren. Zo moet met ingang van 15 juni 2007 elk grensoverschrijdend transport van contanten met een waarde van meer dan 10.000 euro aangegeven worden. Dat geldt zowel voor de transfers binnen de EU als voor fondsen die van buiten komen (Zwitserland bijvoorbeeld). Die aangifte moet overhandigd worden aan de douanediensten bij het binnenkomen in het land van bestemming.Voor goederen met een waarde hoger dan 15.000 euro kan je niet meer cash betalen. De tijd dat u met een zak geld een auto kon gaan komen, ligt achter ons.  

Bij vererving

Bij een overlijden belast de fiscus van een beweging van kapitaal, van erflater naar de erfgenaam. Om te zorgen dat de successierechten correct worden geïnd, legt de wet een aantal derden verplichtingen op om de fiscus informatie te bezorgen : ofwel moeten ze uit eigen beweging inlichtingen verstrekken, ofwel moeten ze antwoorden als de fiscus informatie vraagt. Wie geld, effecten of waardepapieren van een overledene in zijn bezit krijgt, mag die niet zomaar overdragen aan de erfgenamen. Je moet eerst een lijst van de goederen overmaken aan de fiscus.  Ook wie safes verhuurt, moet de fiscus verwittigen voor hij de safe van een overledene of zijn echtgeno(o)t(e) opent. Als verhuurder moet je bovendien aanwezig zijn als de kluis wordt geopend en een lijst opmaken van de inhoud. Ook verzekeraars tegen diefstal of brand zijn verplicht om, zodra ze het overlijden vernemen van een klant, uit eigen beweging de fiscus op de hoogte te brengen van het verzekeringscontract. Want zo'n polis bevat een raming van de verzekerde goederen, zodat de fiscus de waarde ervan op het moment van het overlijden kan schatten. Doorgaans worden die goederen in dit soort van overeenkomsten overgewaardeerd en gaat de fiscus akkoord met een waarde die lager ligt dan de raming in de polis. De fiscus mag bij alle overheden en vennootschappen, en bij banken, wisselagenten, openbare en ministeriële ambtenaren vragen naar de verrichtingen die de overledene zelf, maar ook zijn echtgeno(o)t(e), zijn rechtsopvolger of een derde heeft uitgevoerd vóór of na de opening van de nalatenschap. Dit onderzoek beperkt zich doorgaans tot alle verrichtingen tot drie jaar vóór het overlijden. Als de verrichtingen meer dan drie jaar oud zijn, heeft de fiscus een speciale toelating nodig. In elk geval beschikt de fiscus over genoeg informatie om vrij nauwkeurig na te gaan of de aangifte van nalatenschap wel klopt.