//Waar woont u voor de fiscus?

Waar woont u voor de fiscus?

Om het onderscheid te maken tussen de fiscale woonplaats en het tweede verblijf dient men rekening te houden met de feitelijke omstandigheden. Net zoals voor de beoordeling of men al dan niet rijksinwoner is, gelden ook voor het bepalen van de fiscale woonplaats in België, meer bepaald voor de toepassing van de gemeentelijke opcentiemen, de criteria van artikel 3 WIB 92. De inschrijving in het bevolkingsregister is slechts een feitelijk (weerlegbaar) vermoeden. (Gent, 20 februari 2007). 

De aanslag in de personenbelasting en aanvullende gemeentebelasting wordt gevestigd in de gemeente waar de belastingplichtige op 1 januari van het aanslagjaar zijn woonplaats of zetel van fortuin heeft gevestigd 

Een aantal gemeenten kennen geen (bv. Knokke), of slechts een beperkte (bv. Zwijndrecht: 1 %,  Aartselaar, Beveren-Waas en Machelen; 4%)  aanvullende opcentiemen in de personenbelastingen. Dit zet sommigen er wel toe aan hun fiscaal domicilie in één van die gemeente te vestigen om zo soms van een aanzienlijke belastingbesparing te genieten.  Enkele maanden geleden diende het hof van beroep te Gent zich uit te spreken over een betwisting inzake de werkelijke fiscale woonplaats. 

Een belastingplichtige (piloot) had een woning in Knokke en in het Antwerpse.  Zij stelde in Knokke te wonen, en vervulde daar ook haar fiscale verplichtingen.  In het kader van een betwisting omtrent het beroepsmatig gebruik van haar appartement in Edegem rezen vragen of zij wel degelijk haar fiscaal domicilie in Knokke had, waar zij geen aanvullende opcentiemen betaalde.  Inmiddels vestigde de controle Edegem een aanvullende aanslag. De administratie was dus van oordeel dat de belastingplichtige effectief in Edegem woonde.  Ook in de bezwaarfase hield de administratie voet bij stek.  De belastingplichtige legde uiteindelijk zijn dossier voor aan de rechtbank van eerste aanleg. Ook de rechter te Brugge oordeelde dat de fiscale woonplaats niet in Knokke kon worden gesitueerd (Rb. Brugge, 21 februari 2006).  De belastingplichtige stelde hoger beroep in. 

Het Hof te Gent definieert de fiscale woonplaats als die welke in het licht van de concrete feiten en omstandigheden die eigen zijn aan de casus gekenmerkt wordt door een zekere bestendigheid en continuïteit, of de plaats waar zij de bedoeling heeft haar hoofdverblijfplaats te vestigen.   Volgens de administratie is de fiscale woonplaats gevestigd in Edegem, terwijl de  belastingplichtige volhoudt effectief in Knokke te wonen.  De piloot bleek in 1999 effectief te zijn ingeschreven in de bevolkingsregisters in Knokkke. Tevens was zij titularis van een bankrekening bij een in Knokke gevestigde bank, en was zij lid van een sportclub in Knokke.  Zij legde ook een aantal schriftelijke verklaringen voor van vrienden en buren, die bevestigden dat zij effectief in Knokke woonde.  Zij stelde enkel in Edegem te wonen voor beroepsdoeleinden.  Uit een onderzoek van de politie en de inlichtingen die de fiscus had ingewonnen bij andere inwoners in het appartementsgebouw in Edegem  bleek dat zij geregeld verbleef in Edegem. Zij bleek in Edegem ook over een vaste telefoonlijn te beschikken.

Het Hof oordeelde dat het aanhouden van een bankrekening in Knokke en het daar aangesloten bij een sportclub onvoldoende zijn om de feitelijke woonst te bewijzen, terwijl de inschrijving in het bevolkingsregister een weerlegbaar vermoeden is. Ook met verklaringen van collega’s en buren moet aldus het Hof voorzichtig omgesprongen worden.  De piloot bracht de kosten van het appartement in als beroepskosten, evenals 52 verplaatsingen naar Knokke.  Uit de inrichting van het appartement te Edegem kon blijkbaar afgeleid worden dat zij de bedoeling had daar permanent te wonen, zonder dat het arrest hieromtrent nadere toelichting geeft.  Ook uit het feit dat de werkelijk plaats van tewerkstelling ruim veertig kilometer verwijderd was van aar appartement te Edegem doet het Hof besluiten dat zij niet de bedoeling had dicht bij haar werk te willen wonen.  Uit het geheel van deze feitelijke gegevens leidt het hof dan ook dat het appartement als tweede woonst moet aangemerkt worden, terwijl Edegem de fiscale woonplaats is  Het feit dat het appartement nadien verkocht werd was het gevolg van het faillissement van de werkgever, waardoor zij tijdelijk naar Luxemburg was uitgeweken. 

Naar analogie met de rechtspraak omtrent het rijksinwonerschap benadrukt het Hof in dit arrest dat de feitelijk omstandigheden primeren. De belastingplichtige kan bijvoorbeeld aan de hand van gebruiksfacturen van electriciteit, gas of telefoon zijn feitelijke aanwezigheid bewijzen. Ook het aanhouden van sociale relaties, de bankinstellingen waar rekeningen worden aangehouden, de plaats waar de kinderen naar school gaan zijn belangrijke indicatoren om de fiscale woonplaats te bepalen.

 

Ook de Minister van Financiën bevestigde dat op grond van artikel 3, § 2 WIB 92 de woonplaats of zetel naar omstandigheden beoordeeld (Vr. & Antw., Senaat, 1996-97, nr.1- 40, blz. 1968, Vr. nr. 168 Ollevier van 10 januari 1997 en www.fisconet.fgov.be). 

In 2005 oordeelde de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen in andere zin. Ook in die casus rees de vraag of de belastingplichtige zijn fiscale woonplaats in het Antwerpse dan wel in Knokke-Heist had (Rb. Antwerpen, 9 mei 2005, www.fiscalnetnl.be).

Toen oordeelde de rechtbank dat op grond van de voorliggende stukken niet kan besloten worden tot overwicht van de ene plaats op de andere aangezien het gezin hun centrum van belangen verdeelden over Heist-op-den-Berg en Knokke Heist, met elk een eigen gewicht in de schaal.  De rechtbank bendrukte tevens dat de plaats van inschrijving in de bevolkingsregisters determinerend is, tenzij de administratie het tegenbewijs levert. 

Bron:  Gent, 20 februari 2007

2008-03-04T22:06:56+00:00
Dinsdag 19 december  2017 - 11:00u

Gratis Seminar: Bulgarije, Ster in Europa

In een handomdraai krijgt u een overzicht van de mogelijkheden in Bulgarije en de belangrijkste componenten voor ondernemers:
  • 10% personenbelasting
  • 10% vennootschapsbelasting
  • 10%, de loonkost bedraagt slechts 10% van een gemiddeld Belgisch/Nederlands loon
JA, IK WIL ME INSCHRIJVEN

De 112 Meest Begeerde Fiscale Tips - Editie 2017


Voor al wie belastingontwijking een mensenrecht vindt, 112 haalbare en praktische fiscale tips 
GRATIS INKIJKEXEMPLAAR
Click Me