U wenst de activiteiten uit te breiden. U hebt vandaag reeds een vennootschap en u wenst deze nieuwe activiteiten hiermee onder te brengen.
Maar uw bestaande vennootschap dreigt hierdoor uiteenlopende zaken te verrichten , wat niet wenselijk is. U richt voor de nieuwe activiteit een nieuwe vennootschap op. We denken in het bijzonder aan een patrimoniumvennootschap, holding of managementvennootschap.

Kort vermelden we hier van het voordeel van zulke vennootschap.

Een patrimoniumvennootschap is een vennootschap die één of meerdere onroerende goederen beheert.
Een managementvennootschap is in feite een vennootschap die met één of meerder andere vennootschappen een overeenkomst heeft gesloten om over deze laatste het management te voeren.   In de praktijk wordt deze term evenzeer gebruikt wanneer een vennootschap een mandaat van zaakvoerder of bestuurder opneemt in een andere vennootschap.

Een holdingvennootschap is dan weer een vennootschap die één of meerdere participaties geniet van een andere vennootschap.
Waarom nu kiezen voor zulk een vennootschap ?  Let wel het zijn courante vennootschap (BVBA, NV, …) maar met een specifieke activiteit wat deze vennootschap in de praktijk dan ook deze naam geniet.  Let wel het sop moet de kool waard zijn.

Waarom een patrimoniumvennootschap ?
Een vastgoed in een vennootschap biedt voordelen.  De kosten zijn afschrijfbaar, er kan een successieplanning uitgedacht worden, … Dit vastgoed onderbrengen heeft immers voordelen.  Het is niet onderhevig aan het ondernemersrisico en het zal de verkoop van de exploitatievennootschap alleszins bemoeilijken.
 

Waarom een managementvennootschap ?
Het gebruik van een managementvennootschap is vooral gebruikelijk om fiscale redenen. De tarieven van de vennootschapsbelasting zijn immers lager dan die van de personenbelasting.  Bijkomend kan de managementvennootschap aan fiscale planning doen bv een vastgoed aankopen.
De oprichting van een managementvennootschap heeft ook het voordeel dat wanneer twee of meerdere bedrijfsleiders (wel actief in dezelfde vennootschap) een andere manier van denken en werken hebben.  De ene wil een bijkomend onroerend goed aankopen maar de andere wenst dit absoluut niet.  Dit kan moeilijk allemaal vanuit de exploitatievennootschap.  Beter is dat elke bedrijfsleider zijn eigen vennootschap heeft en hiermee doet en plant wat hij of zij wenst.
Waarom een holdingvennootschap ?

De oprichting van een holdingvennootschap is een courante techniek om een andere vennootschap over te nemen.  Aandelen kunnen immers niet worden afgeschreven en wie aandelen privé koopt zal alleszins merken dat dit zeer duur is.  Dit omwille van het feit dat de tarieven personenbelasting hoger zijn dan de tarieven Vennootschapsbelastingen.   Ook kunnen de dividenden vrij van roerende voorheffing door de overgenomen vennootschap aan de holding worden uitgekeerd. De holding die deze dividenden ontvangt, kan deze gebruiken voor de aflossing van het overnamekrediet. De interesten op het overnamekrediet zijn wel fiscaal aftrekbaar.
Ook wordt een holding dikwijls gebruikt om de winsten te onttrekken maar dan zonder roerende voorheffing.

Hoezo ?
U verkoopt uw aandelen aan een nieuwe vennootschap (holding) voor 1.000.000 euro.  De holding heeft geen geld, maar geen nood u verleent een uitstel van betaling.  Enige tijd later wordt er een dividend van 600.000 euro uitgekeerd.  Dit bedrag komt in de holding terecht en zal op 5% na niet belast worden.  Ook bestaat er een vrijstelling wat de roerende voorheffing betreft (mits voorwaarden doch in de praktijk veelal geen probleem).
Nu heeft uw vennootschap wel de gelden om u uit te betalen.  Kortom u ontvangt zo goed als volledig 600.000 euro.

Zoals reeds gezegd weet de fiscus dit niet ten volle te appreciëren en stelt hier dat dit een speculatief inkomen is.  U verkoopt uw eigen aandelen aan uw eigen holding.  Het gevaar bestaat dat u 33% (+ gemeentebelasting) moet betalen en niet langer op het ‘speculatieve gedeelte’ maar wel op de bruto meerwaarde !

M.a.w. deze constructie is voor de durvers, maar succes zeker niet gegaradeerd.

U kan ook opteren voor een inbreng.  De werkwijze is dezelfde met dat verschil dat u later via een kapitaalsverlaging de gelden ontvangt.  Hierover heeft de Rulingcommissie een standput ingenomen (nav een gestelde parlementaire vraag nr. 657 Ludo Van Campenhout, 23 februari 2005, V&A Kamer 2004-05 nr. 95, 16 865).

De Rulingcommissie stelt dat dit geen speculatief inkomen betreft wanneer u een aantal engangementen opneemt.  U moet meerbepaald na de inbreng een  “wachtperiode” van drie jaar in acht nemen (tenzij de holding investeringen plant)

 Geen kapitaalvermindering in de holding ;
 Geen kapitaalvermindering in de  exploitatievennootschap ;
 Geen wijziging van de dividendstroom die in het verleden plaats vond ;.
 Geen wijziging van oa de managementfees.

Dit neemt niet weg dat voorzichtigheid geboden blijft.  Het dossier wordt ook sterker wanneer het bedrijsfeconomisch kan onderbouwd worden, zoniet blijft het niet zonder risico.

Een bijkomend voordeel is dat de meerwaarde op de aandelen vandaag gerealiseerd wordt.  Wat maakt dat wanneer er later (mocht het zover komen) een meerwaardebelasting op aandelen zou komen, u hier een voordeel doet.  U klikt m.a.w. de waarde van uw aandelen vast.

Let op : deze constructie (holding) kent ook een aantal nadelen :
 De exploitatievennootschap verliest het verlaagd tarief;
 Een dividenduitkering uit de holding zal altijd aan 25% plaats vinden;
 Bijkomende vennootschap betekent bijkomend een aantal kosten, …
 Extra kosten zoals een revisoraal verslag
 (…)

Gelden Onttrekken Aan De Vennootschap – Editie 2017

15 praktische mogelijkheden om gelden te onttrekken aan de vennootschap begrijpelijk uitgelegd in dit boek van 78 pagina’s.

Gratis Inkijkexemplaar