/, Belastingen Tip/Vanaf volgend jaar komt er een verhoging van de btw-drempel voor de kleine ondernemingen
  • Vanaf volgend jaar komt er een verhoging van de btw-drempel voor de kleine ondernemingen

Vanaf volgend jaar komt er een verhoging van de btw-drempel voor de kleine ondernemingen

Sommige ondernemingen kunnen voor de eenvoud kiezen voor een vrijstellingsregeling, de zogenaamde BTW-vrijstelling voor kleine ondernemingen. Belangrijk voorafgaand te vermelden is dat een kleine onderneming die vrijgesteld is van de btw (dus geen btw dient aan rekenen op de gepresteerde handelingen), de btw die werd betaald op de aankopen niet in aftrek kan nemen.

In de praktijk wordt er niet zo vaak over gesproken.  De reden is immers dat de omzet maar beperkt mag zijn waardoor het vaak niet aan de orde is.  Maar dit zou wel eens kunnen veranderen, vandaar enige duiding …

Wat wordt hier met een kleine onderneming bedoeld ?

Een kleine onderneming is een belastingplichtige die leveringen van goederen en diensten verricht waarvan het jaarlijks omzetcijfer de drempel van 15.000 euro niet overschrijdt. Let wel vóór 1 april 2014 was deze drempel zelfs maar 5.580 euro !  Dit betekent dat zulk een onderneming zich van de btw weinig of niets dient aan te trekken.

Kleine ondernemingen dienen oa geen periodieke btw-aangifte in te dienen. Ook een inkomend en uitgaand factuurboek is niet van belang.

Dit neemt niet weg dat sommige verplichtingen alsnog van toepassing zijn.  Bijvoorbeeld dient er jaarlijks nog steeds een klantenlisting ingediend te worden vóór 31 maart.  Bij de opmaak van een factuur (zonder btw) moet de vermelding aangebracht worden : “Bijzondere vrijstellingsregeling – kleine ondernemingen”.

Niet alle belastingplichtigen en handelingen kunnen genieten van deze vrijstellingsregeling.  Leveringen van tabaksfabrikaten kan bv niet onder de vrijstellingsregeling vallen.  Een btw-eenheid is een voorbeeld van een belastingplichtige niet kan opteren voor de vrijstellingsregeling.  Ook een onderneming die op frequente basis werken in onroerende staat verricht kan niet opteren.

Hoe wordt de omzetdrempel bepaald ?

Enerzijds wordt de omzetdrempel van 15 000 euro (excl btw) per kalenderjaar bepaald.

Anderzijds wordt deze omzet gevormd door álle handelingen op te nemen die in België plaatsvinden en die aan de btw zouden zijn onderworpen wanneer deze handelingen verricht zouden worden door een belastingplichtige die onder de btw valt. Hierbij dient ook rekening gehouden te worden met de vrijgestelde handelingen.

Maar met sommige handelingen dient dan weer geen rekening gehouden te worden zoals er zijn de overdracht van bedrijfsmiddelen, handelingen die door het wetboek btw expliciet vrijgesteld zijn (bv diensten gepresteerd door geneesheren), …

Wie start met een onderneming , zal zijn omzet moeten ramen.  Vermits de drempel van 15.000 euro op jaarbasis van toepassing is zal deze ook dienen geprorateerd te worden wanneer de onderneming start in de loop van een kalenderjaar.

Zoals reeds vermeld is de vrijstellingsregeling een keuze.  Niemand is verplicht om hiervoor te kiezen.  Wie aanvankelijk voor de vrijstellingsregeling heeft geopteerd kan hiermee echter stoppen en verder onder de klassieke btw-regeling vallen.  Wel moet deze keuze overgemaakt worden het desbetreffende bevoegde btw-controlekantoor en dit dient te gebeuren vóór 1 juni.

Omgekeerd kan natuurlijk ook.  Stel dat een onderneming in een bepaald jaar een jaaromzet had van meer dan 15.000 euro , maar het jaar daarop volgend blijft de jaaromzet hieronder, dan kan de vrijstellingsregeling gevraagd worden.  Maar dit dient dan weer te gebeuren in de loop van het laatste kwartaal van dat jaar en uiterlijk 15 december van dat jaar. Zodoende is de vrijstellingsregeling dan van toepassing vanaf 1 januari van het volgende jaar.

Let wel dat er mogelijk gerecupeerde btw op bedrijfsmiddelen, door over te stappen naar de vrijstellingsregeling, voor een gedeelte dient te worden terugbetaald.  Dit wordt een ‘herziening’ genoemd.  Voor bedrijfsmiddelen gebeurt de herziening naar verhouding van het aantal resterende jaren van de herzieningsperiode van vijf jjaar is voor roerende goederen en vijftien jaar voor onroerende goederen.   Wie in 2012 btw heeft gerecupeerd van 1.000 euro op een computer zal door over te stappen in 2015 naar de vrijstellingsregeling 2/5de van de 1.000 euro gerecupereerde btw dienen terug te betalen.

Het omgekeerde is ook mogelijk nl van een vrijstellingsregeling overstappen naar de normale btw-regeling en zo in de positieve zin btw herzien.

Niet enkel n.a.v. een gemaakte keuze kan de vrijstellingsregeling ten einde zijn.  Ook wanneer de omzet het drempelbedrag van 15.000 euro overschrijdt, zal de btw-vrijstellingsregeling onmiddellijk ten einde komen.  Enkel wanneer het drempelbedrag uitzonderlijk overschreden wordt en dit met maximaal 10 %, blijft de vrijstellingsregeling alsnog behouden.

Wat verandert er nu ?

We citeren hier de info die op de website van de Minister van Financiën gepubliceerd werd ;

“De ministerraad keurde op voorstel van minister van Financiën Johan Van Overtveldt een belangrijke wijziging goed betreffende de BTW-plicht voor bedrijven.

Door deze uitbreiding wordt het plafond aan jaaromzet waaronder kleine ondernemingen en verenigingen moeten vallen om vrijstelling te genieten van BTW-aangifte en BTW-aanrekening aan klanten, opgetrokken van € 15.000 naar € 25.000. Deze maatregel was voorzien in het regeerakkoord en wordt nu effectief in uitvoering gebracht door de minister van Financiën.

Om en bij de 28.000 kleine ondernemingen zullen kunnen genieten van deze vrijstelling.

Voor de bouw- en horecasector blijft de huidige regeling van kracht. Dit om te vermijden dat de oneerlijke concurrentie door bijberoepers die in deze sectoren aanwezig is zich nog verder uitbreidt.

“Met deze uitbreiding van btw-vrijstelling wil de regering kleine ondernemingen en verenigingen, die verhoudingsgewijs meer administratieve druk ervaren, ondersteunen. Ondernemen wordt hierdoor aangemoedigd in plaats van administratief belast “, zegt minister van financiën Johan Van Overtveldt.

De uitbreiding van de vrijstelling gaat in vanaf 1 januari 2016”

Dit is m.a.w. goed nieuws !  Ook (voor sommige) voor het volgende.

Vanaf 1 januari 2015 zal een ‘bestuurdersvennootschap’ zich moeten laten registeren voor BTW-doeleinden.   Tenzij zij reeds voor de BTW geregistreerd was omwille van andere activiteiten.  De handelingen (als bestuurder) die tot op heden vrij van BTW zijn (als uw vennootschap niet reeds vroeger voor de BTW zou gekozen hebben want dan verandert er niets), zullen voortaan onderhevig zijn aan 21% BTW.  Het gevolg is dat voor velen dit in een aanzienlijke meerkost zal resulteren want de vennootschap die de dienst voortaan met BTW zal moeten betalen kan niet altijd deze BTW recuperen.  Denken we maar aan het volgende klassieke voorbeeld.  U bezit een vennootschap die het mandaat opneemt als bestuurder in uw patrimoniumvennootschap.  Een patrimoniumvennootschap kan geen BTW recupereren (behoudens uitzonderingen) omdat zij bijvoorbeeld het onroerend goed verhuurt zonder BTW.  De bestuurdersvergoeding zal dan ook altijd zonder BTW aangerekend zijn omdat de keuze hier voor de BTW geen meerwaarde zal opgeleverd hebben.  Voortaan zal de patrimoniumvennootschap BTW moeten betalen aan de bestuurdersvennootschap.  BTW die de patrimoniumvennootschap niet kan recupereren.

Let wel dat de BTW enkel zal moeten aangerekend worden voor die diensten gepresteerd vanaf 1 januari 2015 (dus niet op de vergoedingen die nog ontvangen werden in 2014).

De mogelijkheden om hieraan te ontsnappen zijn niet zo evident.  Vroeger hebben we hierover reeds geschreven.

Enerzijds zou een btw-eenheid een optie kunnen zijn.  Een BTW-eenheid is in feite één BTW-plichtige die in de plaats komt van haar aangesloten leden.    De in België gevestigde BTW-belastingplichtigen, al dan niet met of zonder recht op aftrek, kunnen deel uitmaken van de BTW-eenheid.   Maar alvorens de verschillende leden een BTW-eenheid kunnen vormen moeten wel een aantal voorwaarden vervuld zijn.  Deze voorwaarden zijn dat de vennootschappen (let wel de btw-eenheid is niet beperkt tot vennootschappen)  dienen verbonden te zijn.  Deze verbondenheid moet echter financieel én economisch én organisatorisch van aard moet zijn (dus cumulatief).

Anderzijds de vrijstellingsregeling die hier werd verduidelijkt.  Voor sommige zou het een uitweg bieden, temeer omdat de dremple verhoogd wordt van 15.000 euro naar 25.000 euro. Weliswaar rekening houdende met de vermelde regels …

Bekijk ook deze artikels uit de categorie Belastingen.

Bekijk ook deze artikels uit de categorie Belastingen Tip.

2015-08-25T15:18:40+00:00
Donderdag 19 december  2017 - 11:00u

Gratis Seminar: Bulgarije, Ster in Europa

In een handomdraai krijgt u een overzicht van de mogelijkheden in Bulgarije en de belangrijkste componenten voor ondernemers:
  • 10% personenbelasting
  • 10% vennootschapsbelasting
  • 10%, de loonkost bedraagt slechts 10% van een gemiddeld Belgisch/Nederlands loon
JA, IK WIL ME INSCHRIJVEN

De 112 Meest Begeerde Fiscale Tips - Editie 2017


Voor al wie belastingontwijking een mensenrecht vindt, 112 haalbare en praktische fiscale tips 
GRATIS INKIJKEXEMPLAAR
Click Me