//Tak 21 en 23 … voor de prullenmand!

Tak 21 en 23 … voor de prullenmand!

Aangifte van een buitenlandse rekening (aangifte personenbelasting)

Reeds met ingang van aanslagjaar 1997 (inkomstenjaar 1996) zijn natuurlijke personen die onderworpen zijn aan de personenbelasting verplicht melding te maken in hun aangifte of zij een buitenlandse rekening bezitten. Zo ja, dan dient ook nog eens het land aangegeven te worden. Vroeger diende men ‘nihil’ of ‘neen’ te vermelden wanneer men geen buitenlandse rekening bezat. Deze manier van werken werd door de rechtspraak als onwettig bestempeld. Daarom werd vanaf aanslagjaar 2010 het aangifteformulier enigszins aangepast. Sinds de wijziging dient enkel het beschikken over een buitenlandse rekening nog worden bevestigd in de aangifte en dus niet meer het feit dat men ‘geen’ buitenlandse rekening bezat. Lijkt een detail, maar is het niet.

Het gevolg van deze aangifte laat zich raden. Enigszins gaat de Administratie nakijken of de roerende voorheffing wel werd ingehouden. Zoniet (wat vaak het geval is) of deze roerende inkomsten wel netjes werden aangegeven.

Noot het Hof van Justitie (HvJ 1 juli 2010, Dijkman-Lavalije) stelde dat het discriminerend was dividenden en interesten van buitenlandse oorsprong (die men ontvangt zonder tussenkomst van een Belgisch tussenpersoon) moesten worden vermeld in de aangifte personenbelasting. Daardoor moest er gemeentebelasting op betaald worden. Dit was immers niet het geval voor roerende inkomsten die men ontvangen heeft via een Belgisch tussenpersoon (lees Belgische bankier). De wetgever heeft hieraan verholpen door de aanvullende gemeentebelasting niet langer toe te passen op de inkomsten wanneer deze voortkomen uit beleggingen die zijn gedaan in een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte. Het probleem is echter wel dat dezelfde inkomsten van Belgische oorsprong de aanvullende belasting nog altijd ondergaan wanneer er geen roerende voorheffing op ingehouden werd (wat overwegend niet het geval is). De wetgever heeft dan ook recent een einde gemaakt aan de discriminatie inzake de aanvullende gemeentebelasting en agglomeratiebelasting in de personenbelasting en dit tussen de dividenden en interesten of ze nu van Belgische of van buitenlandse oorsprong zijn. Voor de berekening van het bedrag van de gemeentelijke opcentiemen en agglomeratiebelasting, zal er voortaan geen rekening gehouden worden met het gedeelte van de personenbelasting dat betrekking heeft op het geheel van de interesten en dividenden. De nieuwe bepaling zal van toepassing zijn op de inkomsten die zijn verkregen vanaf 1 januari 2012.

Noot ook de bijkomende heffing op roerende inkomsten werd eind 2012 terug afgeschaft. M.a.w. de toepassing ervan is beperkt gebleven tot één jaar nl 2012. Deze afschaffing heeft ook een ander gevolg, nl de afschaffing van het centraal aanspreekpunt. Gezien de al dan niet 4%-heffing dient te worden gecontroleerd dienden oa banken zich te houden aan een zogenaamde aangifteplicht aan het centraal aanspreekpunt. De ontvangen intresten (met enkele uitzonderingen) waar maar 21% roerende voorheffing werd op ingehouden dienden in principe te worden gemeld.

Anders is het niet mogelijk de grens van 20.0202 EUR te controleren. Maar dit heeft ondertussen geen zin meer want deze regeling is afgeschaft. Dus ook het centraal aanspreekpunt werd afgeschaft (alvorens het werd opgericht). Kortom de roerende voorheffing wordt terug bevrijdend.

Terug naar de buitenlandse rekening. Het vermelden ervan heeft ook tot gevolg dat de Administratie de mogelijkheid heeft te onderzoeken of de buitenlandse kapitalen wel verantwoordbaar zijn. M.a.w. men kan o.b.v. tekenen en indiciën onderzoeken of er geen hogere graad van gegoedheid blijkt dan de aangegeven inkomsten wel laten vermoeden. Men zal immers de oorsprong van de tegoeden moeten kunnen aantonen en dat de kapitalen hun oorsprong vinden in aangegeven belastbare inkomsten of uit inkomsten die niet belastbaar zijn.

Buitenlandse levensverzekeringen
Ook wie in het buitenland een levensverzekering heeft afsloten ( genre Tak21 of Tak 23) ontsnapt niet langer aan de aangifteverplichting. Ook deze maatregel is een maatregel in de strijd tegen de fiscale fraude.
Wat was het probleem ? Wie anders gekleurd geld heeft, ging dit vaak beleggen in het buitenland (klassiek in Luxemburg). Maar om het fiscaal probleem te laten verjaren, opteerde hij voor een beleggingsverzekering. Zodoende kon hij de tijd zijn werk laten doen. Fiscale verjaring inzake personenbelasting bedraagt ongeveer zeven jaar , maar inzake successierechten is dit meer dan tien jaar !
Wat de buitenlandse verzekering betreft is er enerzijds geen aangifteplicht van deze verzekering in de Belgische aangifte en anderzijds zijn de opbrengsten ook niet belastbaar onder voorwaarden. Dus deze dienen dan ook niet te worden aangegeven. Bijkomend hoefden zij zich ook geen zorgen te maken naar de uitwisseling inzake de Europese spaarrichtlijn of de 35% woonstaatheffing. Kortom niets dan voordelen (let wel sinds dit jaar 2% verzekeringstaks te betalen) …
Maar er moet bij gezegd worden dat de fiscale verjaring één ding is, maar dat er ook zoiets bestaat als de witwaswetgeving. Kortom fiscale verjaring betekent nog niet strafrechtelijke verjaring ! Maar hiervan lag niet iedereen wakker. Gezien de duurtijd van zulke producten (meer dan acht jaar) was voor velen het gevaar geweken (of dat dachten ze toch …).

Eind vorig jaar heeft de wetgever ingegrepen. Voortaan (vanaf aanslagjaar 2013) zullen alle buitenlandse levensverzekeringscontracten dienen vermeld te worden in de belastingsaangifte personenbelasting. Kortom wat voor de buitenlandse rekeningen moet, moet voortaan ook voor de buitenlandse levensverzekeringen.
Hou echter ook rekening met het feit dat de Europese spaarrichtlijn op termijn zal uitgebreid worden. Naar verluidt …. Maar is nog afwachten zouden vanaf 2017 de buitenlandse verzekeraars ook een aantal gegevens met betrekking tot levensverzekeringen moeten melden.
Let wel dat hierover het laatste woord nog niet zal gezegd of geschreven zijn. In sommige rechtsleer wordt immers vandaag reeds de terechte vraag gesteld of deze wettelijke regeling niet een discriminerend onderscheid maakt tussen de in België gevestigde verzekeraars en die verzekeringsondernemingen die in een andere lidstaat van de Europese Unie gevestigd zijn. Kortom is deze nieuwe wet wel in regel met de Europese regels. Ongetwijfeld een interessante discussie die een juridisch vervolg zal kennen …

2013-02-17T22:47:37+00:00
Donderdag 26 oktober 2017 - 11:00u

Gratis Seminar: Bulgarije, Ster in Europa

In een handomdraai krijgt u een overzicht van de mogelijkheden in Bulgarije en de belangrijkste componenten voor ondernemers:
  • 10% personenbelasting
  • 10% vennootschapsbelasting
  • 10%, de loonkost bedraagt slechts 10% van een gemiddeld Belgisch/Nederlands loon
JA, IK WIL ME INSCHRIJVEN

De 112 Meest Begeerde Fiscale Tips - Editie 2017


Voor al wie belastingontwijking een mensenrecht vindt, 112 haalbare en praktische fiscale tips 
GRATIS INKIJKEXEMPLAAR
Click Me