Dat de successierechten de voorbije jaren een evolutie in de positieve zin hebben gekend, is ondertussen duidelijk. We denken hier aan o.a. de splitsing roerend en onroerend vermogen, de vrijstelling van de gezinswoning tussen ‘partners’, … Moeilijkheden spreiding onroerend – roerend. We hebben het reeds vroeger gehad over de spreiding tussen roerend en onroerend vermogen in het kader van de successierechten.  Let op dit is enkel mogelijk in de rechte lijn, tussen gehuwden, tussen wettelijk samenwonenden en feitelijk samenwonenden na één jaar. Opgelet de categorieën van broers/zussen en anderen kennen deze splitsing niet.   
 
De praktijk leert echter dat niet zelden deze splitsing voor velen dode letter blijft. Enerzijds komen niet alle categorieën hiervoor in aanmerking (zie boven) en anderzijds is het gewoon niet altijd mogelijk.  Wie vandaag enkel onroerend goed bezit is met de splitsing niet veel. Het blijft m.a.w. enkel een theoretisch voordeel en niet meer dan dat.   Wie vandaag bijkomend in onroerend goed wil beleggen houdt hier dan ook best rekening mee. Om te beleggen in onroerend goed en toch in een interessante successieplanning te voorzien, zijn er wel degelijk mogelijkheden. Een patrimoniumvennootschap is misschien interessant. 
 
Of de ‘nieuwe’ aankoop via de splitsing in vruchtgebruik en blote eigendom is misschien ook een alternatief.  Voor bestaand onroerend goed kan er gekozen worden voor ‘gespreide’ schenkingen (al dan niet met voorbehoud van vruchtgebruik).  Wie hiermee tijdig begint, kan hiermee dan ook een substantiële besparing  realiseren. Kortom een aantal opties verdienen bijkomend rekenwerk. Maar jammer genoeg is deze planning voor sommige niet meer weggelegd.  Hiermee bedoelen we personen waarvan plots de gezondsheidstoestand zeer snel verslechtert.  Voor  roerende goederen kan er alsnog tijdig geschonken worden. 
 
Mits het betalen van de 3% of 7% schenkingsrechten (of 2%) is er onmiddellijk afgerekend met de fiscus (de 3-jarige overlevingstermijn is niet van toepassing). Maar wat onroerend goed betreft is dit echter niet mogelijk. Toch kan er misschien nog de volgende mogelijkheid enig soelaas brengen.    Wie vandaag quasi enkel onroerende goederen bezit kan opteren één of meerdere hiervan te verkopen. Bij het ondertekenen van het compromis is het onroerend goed immers ‘verkocht’. De koper zal wel nog moeten betalen wat maakt dat de verkoper een vordering op de koper heeft  Deze vordering is echter een roerend goed.  En hier schuilt nu net het voordeel van de splitsing. Een eenvoudig voorbeeld zal het verschil aan successierechten duidelijk maken. Vader (alleenstaande) is plots zeer ziek geworden. 
 
De ziekte is echter levensbedreigend. Vader heeft vandaag een mooi onroerend patrimonium opgebouwd van in totaal 1.000.000 euro. Dit bestaat uit 2 woningen met elk dus een gemiddelde waarde van 500.000 euro. Vader heeft twee kinderen. Deze kinderen zijn niet geïnteresseerd in één van de woningen en zouden dit onroerend goed toch verkopen zodra ze er eigenaar van worden.   De andere woning wenst de kinderen wel te behouden.  Stel vader doet niets.  De factuur aan verschuldigde successierechten bedraagt dan 174.000 euro. Stel het bewuste onroerend goed (dat de kinderen toch zouden verkopen) wordt nu alsnog verkocht. Indien vader sterft, al dan niet voor het verlijden van de autenthieke akte, dan bedragen de successierechten 78.000 euro. 
 
Een niet onaardig verschil van 96.000 euro ofwel meer dan de 55% minder ! En dit enkel dankzij de splitsing in een onroerend en een roerend gedeelte. Stel dat vader de gelden of de vordering nog schenkt aan de twee kinderen aan 3% schenkingsrechten dan bedragen de successierechten 78.000 euro
Een niet onaardig verschil van 96.000 euro ofwel meer dan de 55% minder !  En dit enkel dankzij de splitsing in een onroerend en een roerend gedeelte.