//Splits uw KI op om te genieten van het klein beschrijf

Splits uw KI op om te genieten van het klein beschrijf

 Indien het geïndexeerd kadastraal inkomen van een onroerend goed minder dan 745 euro bedraagt, kan de verwerving plaatsvinden aan een verlaagd tarief registratierechten, meer bepaald 5 % in Vlaanderen.   Af en toe wordt wel eens getracht de aankoop te splitsen, bijvoorbeeld de woning en de garage, om alsnog te kunnen genieten van het “klein beschrijf”. Enkele maanden geleden heeft de rechtbank van eerste aanleg te Brugge hierover een interessant vonnis geveld (Rb. Brugge, 11 december 2007, www.fisconet.fgov.be).   

Op 4 januari 2001 werd de akte verleden voor de verkoop van een onroerend goed.  Door de koper werd toepassing gevraagd van het klein beschrijf (toen 6 % in plaats van 12,5 %).   Precies acht dagen later werd tussen dezelfde partijen een akte verleden voor de verkoop van een autobergplaats.  De ontvanger van de registratie oordeelde dat de verkoop van het woonhuis en de garage kunstmatig gesplitst werd in twee afzonderlijke overeenkomsten teneinde de aankoop van het woonhuis onder het klein beschrijf te kunnen laten doorgaan.  Het  kadastraal inkomen van de woning bleef onder het maximaal toegelaten kadastraal inkomen van 745 euro, terwijl het samengevoegde bedrag van de kadastrale inkomens van het woonhuis en de garage de limiet wel zou overschrijden.  De administratie oordeelde dat deze kunstmatige uitsplitsing als veinzing dient beschouwd te worden.  De ontvanger vorderde het  volledige registratierecht op de verkoop van het woonhuis. Tevens werd een geldboete opgelegd.  

Tegen het uitgevaardigde dwangbevel werd verzet aangetekend bij de rechtbank van eerste aanleg te Brugge. De rechter verwees naar de Brepols-doctrine. Bij gebrek aan een overtreding van enige wettelijke bepaling is er slechts sprake  van simulatie indien de belastingplichtige gebruik makende van zijn contractuele vrijheid alle gevolgen van zijn handelen aanvaardt, zelfs al deze wijze van handelen niet de meest normale is en ingegeven is door fiscale motieven. A contrario kan er slechts sprake zijn van simulatie wanneer de belastingplichtige, bij gebreke aan enige overtreding van een wettelijke bepaling, niet alle gevolgen van  de juridische werkelijkheid van wat tussen partijen is overeengekomen aanvaardt.   

Dit  was hier niet het geval. Bij nazicht van het kadastraal plan stelt de rechter immers vast dat de bewuste garage deel uitmaakte van een garagecomplex. De garage ligt weliswaar in de nabijheid van het woonhuis, maar grenst er niet aan. Bovendien bleek dat het  woonhuis en de  garage in het verleden niet toebehoorde aan dezelfde eigenaar. De huidige verkoper had het onroerend goed vier jaar later gekocht.  Uit deze feitelijke elementen leidt de rechter af dat het woonhuis en de garage samen geen ondeelbaar geheel uitmaken, en evenmin tot elkaar staan in de verhouding van hoofdzaak en aanhorigheid.  

De rechter bevestigde tevens dat de ontvanger van de registratierechten geenszins het bewijs levert dat de  koper en verkoper enige wetsbepaling zou hebben geschonden bij het afsluiten van de overeenkomsten. Derhalve is de administratie, die geen derde is gehouden de door de contractanten uitgetekende structuur te aanvaarden.   De rechter voegde er nog aan toe dat alle gestelde rechtshandelingen op een exacte wijze op zowel juridisch als economisch vlak beschreven en uitgevoerd werden.  Er is dan ook geen sprake van een kunstmatige opsplitsing van akten, die tot veinzing zouden leiden.  De rechter vernietigt dan ook het dwangbevel.   

Dat de beoordeling steeds in concreto dient te gebeuren blijkt uit een soortgelijke casus waarover de rechtbank te Antwerpen zich diende uit te spreken. Ook hier betrof het een aankoop van een woonhuis, die kort nadien gevolgd werd door de verkoop van een garage die iets verder in dezelfde straat was gelegen. Toen oordeelde de rechter dat de woning en de garage wel degelijk één geheel uitmaakte, en de koper dus ten onrechte heeft verzwegen dat er sprake was van samenhang (Rb.Antwerpen, 21 juni 2006, www.fiscalnetnl.be).  Door de samentelling van beide kadastrale inkomens was het grensbedrag overschreden, en verviel het recht op het “klein beschrijf”.  Het feit dat de garage een eigen kadastraal inkomen had, noch het feit dat zij niet aanpaalde aan de woning kon de rechter niet overtuigen van het gebrek aan samenhang. 

Tevens legt de rechtbank op grond van artikel 204  W. Reg. een boete op ten belope van het ontdoken recht, dat in casu het verschil was tussen het verlaagde recht (5 %) en het evenredige mutatierecht (10 %). In deze procedure had de koper de notaris in vrijwaring gedagvaard, terwijl die op zijn beurt de makelaar in vrijwaring had gedagvaard.  De rechtbank oordeelde dat noch in hoofde van de notaris, noch in hoofde van de makelaar het causaal verband tussen de begane fout en de opgelegde boete bewezen is, zodat zij niet kunnen (mede)veroordeeld worden voor de ontdoken rechten en boete.  

 

Bron: Rb. Brugge,  11 december 2007

2008-06-11T20:40:25+00:00
Donderdag 19 december  2017 - 11:00u

Gratis Seminar: Bulgarije, Ster in Europa

In een handomdraai krijgt u een overzicht van de mogelijkheden in Bulgarije en de belangrijkste componenten voor ondernemers:
  • 10% personenbelasting
  • 10% vennootschapsbelasting
  • 10%, de loonkost bedraagt slechts 10% van een gemiddeld Belgisch/Nederlands loon
JA, IK WIL ME INSCHRIJVEN

De 112 Meest Begeerde Fiscale Tips - Editie 2017


Voor al wie belastingontwijking een mensenrecht vindt, 112 haalbare en praktische fiscale tips 
GRATIS INKIJKEXEMPLAAR
Click Me