Hierover wordt in de literatuur telkens de nodige aandacht aan besteed en terecht. Elke echtgenoot heeft het recht een beroep uit te oefenen zonder instemming van de andere echtgenoot.  Ook kan deze echtgenoot een inbreng doen van een stuk van het vermogen dat deel uitmaakt van het gemeenschappelijk vermogen.   Maar  de meeste vennootschappen dienen opgericht te worden door minstens twee personen.  Maar hoe zit dit met gehuwden ?  Worden zij als één persoon aanzien of niet ? Wie gehuwd is met scheiding van goederen stelt er zich geen enkel probleem.  Bij de oprichting van de vennootschap worden de twee echtgenoten elk als een  afzonderlijke aandeelhouder aanzien. Wie gehuwd is met een gemeenschapsstelsel (veelal wettelijk stelsel) moet er een onderscheid gemaakt worden tussen aandelen op naam en aandelen aan toonder.

Bij aandelen op naam is het zo dat voor wat betreft de uitoefening van de lidmaatschapsrechten geacht toe te behoren aan de echtgenoot op wiens naam ze zijn ingeschreven in het vennoten- of aandeelhoudersregister.  Wordt de vennootschap door beide echtgenoten opgericht dan wordt iedere echtgenoot als een afzonderlijke vennoot of aandeelhouder beschouwd.  Zijn het aandelen aan toonder dan worden beide echtgenoten niet als twee maar als één oprichter aanzien. Deze redenering heeft ondertussen zijn belang veelal verloren omdat nieuwe aandelen aan toonder vandaag niet meer mogelijk is.  Enkel voor de bestaande aandelen (van voor 1 januari 2008) bestaat er een overgangsregeling.  Nieuwe vennootschappen zullen enkel nog aandelen op naam of op rekening kennen.