Het nadeel van een schenking is het definitieve karakter ervan (zie verder).

Behoudens enkele uitzonderingen is een schenking immers definitief en kan ze niet zomaar herroepen worden.  Een testament zorgt er dus voor dat het vermogen bv. bij de ouders aanwezig blijft wat betekent dat zij de controle behouden, de inkomsten behouden, …Een testament daarentegen kan van dag op dag gewijzigd of herroepen worden. 

Trouwens successieplanning via een huwelijkscontract is enkel mogelijk voor gehuwden en niet voor niet-gehuwden.  Een testament zal hier zeker een optie zijn. De kenmerken van een testament hebben we reeds vermeld.  Niettegenstaande kan de opmaak van een testament fiscaal een optimalisatie betekenen.  We overlopen enkele technieken kort.   

De techniek van generation skipping en de spreiding We worden vandaag, gelukkig maar, allemaal ouder dan vroeger. 

Wat merken we hierdoor in de praktijk ?  Sommige grootouders hebben kinderen die zelf reeds aan een successieplanning werken.  Het heeft dan mogelijk weinig zin eerst het vermogen door te geven aan de eigen kinderen waarna het naar de kleinkinderen gaat met in het uiterste geval mogelijk tweemaal successierechten op de zelfde goederen. 

De techniek van ‘generation skipping’ (generatiesprong) kan hieraan verhelpen. Trouwens dit kan ook met een schenking toegepast worden. Door de kleinkinderen in het verhaal te betrekken kan dit ook tot gevolg hebben dat er over een groter aantal personen gespreid wordt.  Wanneer er twee kinderen zijn met elk vier kinderen dan is de spreiding groter wanneer de kleinkinderen mee in het verhaal worden betrokken. Het spreekt voor zich dat het goed moet geregeld worden m.a.w. er zal met de eigen kinderen best eens over gepraat worden.  Het is immers zo dat de eigen kinderen een reserve hebben die men niet zomaar naast zich neer kan leggen.  Op voorhand heeft men deze zekerheid niet.  Ook mag het pedagogisch element niet vergeten worden.  De kleinkinderen dienen er verstandig mee om te springen. Het volgende zou zich kunnen voordoen.  Grootouders hebben drie kinderen.  Zij maken elk een testament op (gezamenlijk testament is niet mogelijk) waarin bepaald wordt dat alle goederen naar de kleinkinderen moeten gaan.  Zij hebben dit vooraf met de eigen kinderen besproken en iedereen ging akkoord.  Het feit van het overlijden doet zich voor.  Twee van de drie kinderen verwerpen de nalatenschap maar kind drie bedenkt zich.  Het resultaat is dat het ganse vermogen naar kind drie zal gaan.  Ik vermoed niet dat dit echt in dank zal worden afgenomen, maar het is echter wel de harde realiteit. Kortom het is een techniek met risico’s m.a.w. er moet zeer goed over nagedacht worden.  Regelingen vooraf zijn niet mogelijk en dus nietig (beding over een niet-opengevallen nalatenschap).

Het ik-opa of ik-oma testament  De techniek is de volgende.  Opa stelt zijn kinderen aan als algemeen legataris via zijn testament.  Hij koppelt er echter wel een last aan waarbij zijn kinderen aan de kleinkinderen een bedrag moeten betalen.De kleinkinderen erven van opa een schuldvordering die kan verhaald worden op hun ouders, maar wel pas vanaf het moment dat deze ouder zelf overlijdt.   De kleinkinderen erven van hun opa een schuldvordering.  Deze schuldvordering die de kinderen hebben t.o.v. de klieinkinderen is aftrekbaar van hun erfdeel (secundair legaat genoemd).Het voordeel zit hem erin dat er onmiddellijk een spreiding is en de schuldvordering die wordt geactualiseerd.   Er wordt immers bepaald dat het bedrag dat het kind zal moeten betalen een bepaalde waarde dient te hebben maar een waarde op het moment van het overlijden van opa (testator). Het restlegaat Deze techniek (ook wel genoemd fideï commis de residuo) is de volgende.  A maakt een legaat ten gunste van B doch onder de verplichting dat al wat overblijft moet toekomen aan C. Het zijn in feite twee legaten die uitgaan van dezelfde testator ten gunste van de twee personen.Hierdoor zal het tweede legaat moeten opgeteld worden bij het eerste legaat om de successierechten te berekenen. Het duolegaat Dit is dan weer een techniek (ook wel eens legaat vrij van successierechten genoemd) die interessant is wanneer de successierechten hoog oplopen.  Door er een VZW bij te betrekken kan deze techniek een gevoelige besparing opleveren.Het is de combinatie van aan de ene kant de hoge tarieven en aan de andere kant het lage tarief van 8,8% dat van toepassing is bij een VZW die de optimalisatie inhoudt.