//Het einde van het Belgische ‘bankgeheim’

Het einde van het Belgische ‘bankgeheim’

In de mate dat we ooit van een Belgische bankgeheim hebben mogen spreken, zal dit tot een einde komen vanaf 1 juli 2011..

Het begrip bankgeheim

Het woord bankgeheim is in feite niet op zijn plaats. Bankiers immers kennen geen beroepsgeheim zoals sommige vrij beroepers (zoals artsen, advocaten, …) dat wel kennen. Zij kennen wel een strafrechtelijk beroepsgeheim. Banken daarentegen kennen enkel een discretieplicht. 

Het woord bankgeheim is in feite niet op zijn plaats. Bankiers immers kennen geen beroepsgeheim zoals sommige vrij beroepers (zoals artsen, advocaten, …) dat wel kennen. Zij kennen wel een strafrechtelijk beroepsgeheim. Banken daarentegen kennen enkel een discretieplicht. 

De bal, om het bankgeheim aan te pakken, is aan het rollen gegaan eind 2010 tijdens een Europese ministerraad.  Daar kwam men tot het akkoord dat een lidstaat van de EU zich niet langer mag verschuilen achter het bankgeheim om zo te vermijden dat er een uitwisseling van bankgegevens zou kunnen plaats vinden. Voor Oostenrijk en Luxemburg werd in een uitzondering voorzien. 

Natuurlijk is dit voor Belgisch een probleem gezien ons wetboek inkomstenbelastingen dit niet toelaat. De internationale druk heeft ervoor gezorgd dat er hier de nodige aanpassingen dienden te gebeuren.

Art 318 WIB 1992 stelt immers het volgende : “In afwijking van de bepalingen van artikel 317, en onverminderd de toepassing van de artikelen 315, 315bis en 316, is de administratie niet gemachtigd in de rekeningen, boeken en documenten van de bank-, wissel-, krediet- en spaarinstellingen inlichtingen in te zamelen met het oog op het belasten van hun cliënten.   

Indien evenwel, het op basis van de artikelen 315, 315bis en 316 uitgevoerde onderzoek concrete elementen aan het licht brengt die het bestaan of de voorbereiding van een mechanisme van belastingontduiking kunnen doen vermoeden, kan de ambtenaar die hiertoe wordt aangesteld door de Minister van Financiën een ambtenaar met de graad van ten minste inspecteur ermee belasten uit de rekeningen, boeken en documenten van de instelling inlichtingen te putten die het mogelijk maken het onderzoek te voltooien en de door deze cliënt verschuldigde belastingen te bepalen. ”
Kortom dit artikel diende dus te worden aangepast.

Let wel dat zulk een artikel enkel bestaat inzake de inkomstenbelastingen en niet voor de BTW, registratie- en succesierechten.
Nu ook inzake inkomstenbelastingen mogen we art 318 WIB 1992 ook niet overdrijven. Wanneer er een vermoeden is van een mechanisme van belastingontduiking of inzake een strafprocedure of bij de behandeling van een bezwaarschrift is het immers nu ook mogelijk inlichtingen te vragen aan de bank. Het spreekt voor zich dat deze inlichtingen verband moeten houden met de inhoud van het bezwaarschrift. Ook speelde het reeds vroeger niet voor de ontvanger der directe belastingen.

Hoe zal het worden ?
Voortaan zal de administratie sneller info kunnen vragen aan de bank.  Wel is het zo dat er in een tussenstap is voorzien. 
Vooreerst moet de Administratie een vraag om inlichtingen aan de belastingplichtige versturen met het verzoek alle nodige financiële informatie te verkrijgen. Bijkomend zal in deze vraag om inlichtingen voorzien zijn dat wanneer de administratie de info niet tijdig ontvangt deze informatie zal worden opgevraagd aan de desbetreffende bank. 
Ook kan de administratie niet zomaar in eender welk geval de bank kunnen inschakelen.  Enkel in de volgende gevallen is dit mogelijk.

1.vermoeden van) aanwijzing tot belastingontduiking
Hier werd er in een niet-limitatieve lijst voorzien wat wel kan maar ook wat niet kan.  Bijvoorbeeld wanneer er een aanzienlijke verschil is tussen de (uiterlijke) tekenen van welstand en het aangegeven inkomen (indien de belastingplichtige hiervoor geen uitleg voor had).
Een laattijdige indiening van de aangifte was dan weer geen reden om zich te richten tot de bankier. 

2.Bij indiciaire taxatie
Ook bij een indiciaire taxatie kan de administratie zich richten tot de bankier.
Let wel dat deze mogelijkheid verder gaat dan de aanwijzing tot belastingontduiking van hiervoor want vanaf het ogenblik dat de belastingplichtige indiciair wordt getaxeerd kan de administratie financiële inlichtingen inwinnen. Nochtans is het nog maar de vraag wat uiteindelijk verschil is met het eerste punt want een onderzoek kan hier ook slechts plaats vinden wanneer het indiciair onderzoek aanwijzingen van belastingontduiking heeft opgeleverd.

3.Een vraag om bijstand komende vanuit het buitenland
Wanneer een vraag tot bijstand wordt gesteld vanuit het buitenland dan wordt het bankgeheim sowieso opgeheven. Als er een vraag om bijstand uit het buitenland komt dan is het niet noodzakelijk dat er aanwijzingen tot fraude aanwezig zijn.

Hoe verloopt de procedure ?
De belastingplichtige zal de mogelijkheid hebben om mee te werken de administratie de nodige informatie te bezorgen opdat er getaxeerd kan worden op een juiste manier.  Eerst zal hij dan ook een vraag om inlichtingen ontvangen en een antwoordtermijn krijgen van één maand om deze informatie te bezorgen. Zoals hierboven reeds vermeld zal hij er attent op gemaakt worden dat de administratie gebruik kan maken de mogelijkheid deze nodige informatie te verwerven door zich rechtstreeks te wenden tot de bank wanneer deze informatie niet tijdig bezorgd wordt of onvoldoende is. 
Nadat de administratie de ontvangen informatie bestudeerd heeft is het nog steeds niet uitgesloten dat er via de gewestelijke directeur een machtiging wordt gevraagd om het bankgeheim alsnog op te heffen.

Aan welke bank de vraag stellen ?
De inspecteur die met het onderzoek belast is zal zich kunnen wenden tot een uniek elektronisch aanspreekpunt. De databank die hiervoor moet opgezet worden zal in handen zijn bij de Nationale Bank.  Alle rekeningnummers van alle belastingplichtigen zullen erin worden opgenomen.  Op deze manier zal de administratie weten tot welke financiële instelling ze zich zal moeten richten.

Politiek compromis …
Wanneer de belastingplichtige tegen de spreekwoordelijk lampois gevlogen dan krijgt hij nog de mogelijkheid om een minnelijke schikking te treffen.  Zo vermijdt hij een strafrechtelijke vervolging.  M.a.w. hij koopt dit af. 

De nieuwe wetgeving zal in werking treden vanaf 1 juli 2011.

2011-04-29T19:56:00+00:00