Het afgelegde woon-werkverkeer kan in sommige gevallen hier een optimalisatie opleveren wat de belastbaarheid betreft van het voordeel alle aard m.b.t. de bedrijfswagen.  Twee zaken zijn hier vanbelang.  Enerzijds is de kost die aftrekbaar is beperkt tot 0,15 euro/km (art 66 §4 WIB 1992).  Dit betekent wel dat het wettelijk forfait moet verlaten worden.  Anderzijds is de aftrek beperkt tot maximaal het belastbaar voordeel van alle aard (cfr art 66 §5 derde lid WIB 1992).

Artikel 66 WIB 1992 stelt :

  ” (…)

   § 4. In afwijking van § 1 worden de beroepskosten met betrekking tot de verplaatsing tussen de woonplaats en de plaats van tewerkstelling met een in die bepaling vermeld voertuig forfaitair op 0,15 EUR per afgelegde kilometer bepaald. Deze afwijking geldt niet voor voertuigen die, overeenkomstig artikel 5, § 1, 3°, van het Wetboek van de met de inkomstenbelastingen gelijkgestelde belastingen, van de verkeersbelasting zijn vrijgesteld.

   § 5. Het in § 4 vermelde forfaitair bedrag mag uitsluitend worden toegekend aan de belastingplichtige indien het betrokken voertuig :

   1° hetzij zijn eigendom is ;

   2° hetzij op zijn naam is ingeschreven bij de Directie voor de Inschrijving van de Voertuigen ;

   3° hetzij door een huur- of leasingovereenkomst bestendig of gewoonlijk te zijner beschikking is ;

   4° hetzij aan zijn werkgever of vennootschap toebehoort en het eventueel voordeel voortspruitend uit het gebruik van dat voertuig op zijn naam wordt belast.

   In de gevallen vermeld in het eerste lid, 1° tot 3°, mag dat forfait worden toegekend aan de echtgenoot of aan een kind van de belastingplichtige indien die echtgenoot of dat kind het voertuig gebruikt voor de in § 4 vermelde verplaatsing, met dien verstande evenwel dat het forfait slechts aan één enkele belastingplichtige mag worden toegekend voor het gezamenlijk afgelegde traject.

In de gevallen bedoeld in het eerste lid, 4°, mag dat forfait nooit meer bedragen dan het eventueel voordeel voortspruitend uit het gebruik van dat voertuig dat op naam van de belastingplichtige wordt belast, desgevallend verhoogd met de bijdrage bedoeld in artikel 36, § 2, laatste lid.”

Een voorbeeld maakt dit (hopelijk) duidelijk

 Een bedrijfsleider maakt gebruik van een bedrijfswagen (diesel) met de volgende kenmerken :

CO²-uitstoot 170 – Cataloguswaarde 50.000 euro – ouderdom wagen 27 maanden

Voordeel alle aard

=  cataloguswaarde x  % (CO²-coëfficiënt) x 6/7 x ouderdomscoëfficiënt

= 50.000 x (5,5% + 7,5%) x 6/7 x 0,88 = 4.902 euro / jaar

De woonwerk-afstand (enkel) bedraagt 70 km per dag.  Voor een gans jaar is dit 70 x 2 x 300  = 42.000 km.

De aftrekbare kost inzake dit woon-werkverkeer bedraagt 42.000 x 0,15 = 6.300 euro. Doch wordt de aftrek beperkt tot het belastbaar voordeel van alle aard in casu 4.902 euro. Maar dit betekent wel concreet dat het belastbaar voordeel van alle aard volledig herleid wordt tot 0 euro.

Wel is het zo dat hierdoor het wettelijk forfait niet kan genoten worden omwille van het feit dat de werkelijke beroepskosten aangegeven worden.  Het maximaal forfait als bedrijfsleider bedraagt voor inkomstenjaar 2012,  2.280 euro.

Maar niettegenstaande dit (mogelijk zijn er ook nog andere kosten aftrekbaar als beroepskost) blijft het voordeel positief, nl 4.902 – 2.280 = 2.622 euro.  Rekening houdende met een belastingtarief van 50% (+ 7% gemeentebelasting) geeft dit een voordeel van 1.403 euro.  Vermoedelijk zal het verschil nog groter zijn wanneer we rekening houden met de besparing aan sociale zekerheidsbijdragen.

Kortom deze manier van werken kan interessant (enkel) zijn voor diegene die veel woonwerk-kilometers afleggen en het betreft een dure wagen met een hoge CO²-uitstoot..