In het kader van de zogenaamde taks shift komt de speculatietaks ter sprake.  Definitieve regels zijn er nog niet, maar de spelregels worden almaar concreter.  Gezien het enorm aantal vragen hieromtrent, lijsten we voor u hiervan een aantal (gekende) zaken op.

De speculatietaks zou van toepassing worden vanaf 1 januari 2016. Dit op meerwaarden die verworven worden vanaf 1 januari 2016.

De taks zou echter enkel gelden voor natuurlijke personen (onderhevig aan de personenbelasting (PB)of de belasting niet-inwoners (BNI)). Dit betekent dan ook dat rechtspersonen die onder de zogenaamde rechtspersonenbelasting (RPB) vallen of onder de vennootschapsbelasting (VENB)vallen, buiten het toepassingsgebied van deze taks vallen. Let wel , dat wanneer u privé aandelen aan- en verkoopt, dit doet op regelmatige wijze  en u hiervoor ook zo organiseert, dat het een beroepsinkomen betreft !  En dit met alle gevolgen van dien …

De taks zou slaan op aandelen en deelbewijzen van emittenten die op een gereglementeerde markt (beurs) genoteerd zijn(aandelen, warranten, opties, aandelencertificaten) en ook op sommige afgeleide producten. Er zal gerekend worden volgens de LIFO-methode (Last In First Out). Dit betekent dat wanneer bv 100 aandelen X werden bijgekocht (en men bezit reeds 1000 aandelen X die langer dan zes maanden geleden werden aangekocht) en er binnen de zes maanden na de aankoop van de bijkomende aandelen X , er 20 worden verkocht, deze verkoop van 20 binnen het toepassingsgebeid vallen van de taks.  Deze hebben betrekking op de bijkomende aankoop van 100 en  niet op de participatie van 1 000.

Aandelenoptieplannen (conform de Aandelenoptiewet van 26 maart 1999), maar ook aandelenfondsen vallen buiten de toepassing van de taks. 

Op de volgende transacties zou de taks van toepassing zijn :

  • bronbelasting: verwervingen onder bezwarende titel, maar ook schenkingen.
  • eindbelasting: overdrachten onder bezwarende titel.

Nalatenschappen zijn vrijgesteld.

De taks zal van toepassing zijn op het verschil tussen de ontvangen prijs (verminderd met de betaalde taks op de beursverrichtingen) en de voor de verwerving onder bezwarende titel betaalde prijs (verhoogd met de betaalde taks op de beursverrichtingen).

Let wel de aftrekbaarheid van eventuele minwaarden is niet van toepassing..Wanneer de meerwaarde gerealiseerd wordt binnen een termijn van zes maanden, is de taks van toepassing.  Na zes maanden niet …

Het tarief bedraagt 33% .

Zoals vermeld, ontspringen de schenkingen op zich niet.  Dit kennen we reeds in ons wetboek op meerdere plaatsen (meerwaarde op gronden en gebouwen).  De reden is ook hier creatieve ontwijkingen tegen te gaan.  Kortom wanneer aandelen bij wijze van schenking verkregen werden, en er is minder dan zes maanden verstreken tussen de overdracht van deze aandelen (vb verkoop), en het moment waarop de schenker de aandelen onder bezwarende titel verkregen heeft, dan zal alsnog de taks van toepassing zijn. Dus de taks ontwijken door voorafgaand te schenken zal geen soelaas brengen.

Hoe de taks zal dienen betaald te worden, wordt ook duidelijker.  Dit zou gebeuren d.m.v. een inhouding aan d bron door de financiële tussenpersonen (vergelijkbaar dus met de roerende voorheffing).  Komt er geen Belgische financiële tussenpersoon tussenbeide dan zal met de taks ondergaan door het aan te geven in personenbelasting (of BNI).  Er zou echter wel geen aanvullende gemeentebelasting van toepassing zijn.

Is er geen alternatieve oplossing om de taks te ontwijken ?

Wanneer u overweegt voortaan aandelen te laten aan- en verkopen door uw vennootschap om deze taks te omzeilen , dan moet u opletten.  Uw belastingsfactuur zal immers duurder uitvallen. Een vennootschap betaalt immers  25,75% vennootschapsbelasting op de meerwaarden op aandelen wanneer zij deze meerwaarde realiseert binnen het jaar (!) na de aanschaf ervan (cfr art.217, 2° WIB 1992) . Ook zijn minderwaarden niet aftrekbaar in de vennootschapsbelasting (behoudens het kapitaalverlies n.a.v. een vereffening).  Bijkomende moet u dan nog rekening houden met het gevolg dat de netto opbrengst nog altijd in uw vennootschap zit. Om deze privé te genereren moet u bijkomend nog rekening houden met de roerende voorheffing. Deze bedraagt in principe 25% en wordt volgend jaar 27% !  Hieraan kan verholpen worden d.m.v. de liquidatiereserve maar finaal zal de eindafrekening nog altijd duurder uitvallen !