De nieuwe fiscale regularisatie

Het ziet er naar uit dat er op korte termijn witte rook verschijnt wanneer het over de fiscale regularisatie gaat (Parl.St. Kamer 2015-16, nr. 54-1738/001).  Het zou een zogenaamde permanente regularisatie worden.  De nieuwe regularisatieprocedure zal in werking treden op de eerste dag van de maand volgend op de publicatie in het Belgisch Staatsblad.  Maar tot heden is er nog geen publicatie geweest.

Het waarom van deze regularisatie laat zich raden.  Enerzijds komt het de begroting ten goede en anderzijds komt er een einde aan de nodige onduidelijkheid en onzekerheid voor wie bepaalde inkomsten en kapitalen nog wenst te regulariseren.  Brandend actueel natuurlijk, gezien de zogenaamde ‘Panama-papers’.

Eind 2013 kwam er een einde aan de laatste regularisatie-regeling (was ondertussen de vierde regeling).  Probleem was wat erna diende te gebeuren.  De administratie (BBI) was ondertussen wel tot een administratieve homogene oplossing (interne instructie) gekomen voor wie nog spontaan wenste te regulariseren.  Maar deze regeling werd aangevochten voor de Raad van State.  Maar wat nu ?  De regering kwam aan deze problematiek nu tegemoet.  Meegenomen is ook dat de begroting deze extra inkomsten ook wel kan gebruiken.  Dus twee vliegen in één klap.

Niettegenstaande de regeling nog niet in het Staatsblad is verschenen overlopen we samengevat de belangrijkste regels (en verschillen met de vroegere regelingen).  Wenst u er meer over te weten dan verwijzen we graag naar uw vertrouwenspersoon (fiscaal jurist).

Voortaan wordt er geen onderscheid meer gemaakt tussen ‘gewone’ fiscale fraude en ‘ernstige en georganiseerde fiscale fraude waarbij bijzonder ingewikkelde mechanismen of procedés van internationale omvang worden aangewend’.  Niet zo verwonderlijk omdat in de praktijk het te maken onderscheid bijzonder moeilijk was en vaak ook niet mogelijk.  Dit is een (naast enkele andere) belangrijk verschil met de vroegere regeling(en).

Ook merken we op dat de boetetarieven een stijgend karakter kennen.  Wie onmiddellijk regulariseert zal dus minder dienen te betalen dan wie nog enkele jaren zou willen wachten.

Hou er ook rekening mee dat het vooralsnog niet mogelijk is regionale belastingen te regulariseren.  Hier denken we in het bijzonder aan de erfbelasting (voorheen successierechten genoemd).  Alvorens dit mogelijk wordt , zal er eerst nog een akkoord moeten gevonden worden met de verschillende gewesten.

Wie kan overgaan tot een regularisatie ?

Zowel natuurlijke personen als rechtspersonen kunnen overgaan tot een regularisatie.

Wat kan zoal geregulariseerd worden ?

Alle inkomsten, sommen, btw-handelingen en kapitalen kunnen geregulariseerd worden.

Het gemaakte onderscheid tussen inkomsten, sommen en btw-handelingen heeft zijn belang (zie verder).Deze drie categorieën zijn de niet-verjaarde inkomsten (cfr wetboek inkomstenbelastingen : onroerende, roerende, beroeps- en divers inkomsten), sommen of btw-handelingen.  Wanneer de verjaring is ingetreden spreken we nog enkel over fiscaal verjaarde kapitalen (enkel nuttig voor het verkrijgen van de strafrechtelijke immuniteit).  Let wel ook de niet-betaalde (tevens niet-verjaarde) socialezekerheidsbijdragen kunnen geregulariseerd worden.  Dus in totaal kennen we vier types.

Let wel de bewijslast wat het type van ‘inkomen’ het betreft (te regulariseren of niet, verjaard of niet-verjaard) ligt hier volledig bij de aangever.  Het zijn enkel de inkomsten, de sommen, de btw-handelingen en de kapitalen die niet hun normaal belastingregime hebben ondergaan, die dienen geregulariseerd te worden.  Het kan dus bv ook een gedeelte zijn van een bepaald kapitaal.  Hierbij denken we spontaan aan het onderscheid tussen een ‘wit’ kapitaal en de ‘zwarte’ inkomsten dat dit kapitaal heeft opgebracht, waarna het wit ganse kapitaal ‘grijs’ kapitaal is geworden.  Stel iemand belegt een bedrag van 100.000 euro (netto pensioenkapitaal dat in België werd belast) in Luxemburg, waarna deze roerende inkomsten niet werden aangegeven.  Enkel het inkomstendeel dient geregulariseerd te worden en niet het kapitaalgedeelte (indien dit onderscheid kan bewezen worden).

Hou er ook rekening mee dat de regularisatieaangifte een éénmalig karakter kent.

Kostprijs ?

Alleszins van belang is te weten wat de ganse kostprijs zal bedragen van deze regularisatie en dit om een zogenaamd regularisatieattest te bekomen.

Het valt op (wat had u gedacht) dat de regularisatietarieven hoger uitvallen dan diegene die we in het verleden kenden.

De inkomsten

  • Het betalen van de verschuldigde belasting die normaal had moeten betaald geweest zijn (incl. gemeentebelasting en crisisbelasting). Er wordt wel geen rekening gehouden met enige belastingvermindering of belastingkrediet, noch met een verrekening van voorheffingen, voorafbetalingen of van de woonstaatheffing.
  • Verhoging met 20 procentpunten.

 

De sommen

  • Ook hier het normale verschuldigdebelastingtarief dat van toepassing was in het belastbare tijdperk waarin deze sommen werden behaald.
  • Verhoging met 20 procentpunten.

De BTW-handelingen

  • Ook hier het normale btw-tarief dat van toepassing zou geweest zijn.
  • Verhoging met 20 procentpunten. Tenzij de regularisatieaangifte reeds aanleiding heeft gegeven tot een regularisatie als beroepsinkomsten waarbij daarreeds de verhoging met 20 procentpunten heeft plaats gevonden.

De fiscaal verjaarde kapitalen

De fiscaal verjaarde kapitalen worden onderworpen aan een tarief van 36 procent op het kapitaal.

Zoals reeds vermeld is er een stijging voorzien voor wie ‘wacht’ tot regularisatie.

Vanaf 1 januari 2017 :

  • de verhoging van 20 % wordt 22 %
  • de verhoging van 36 % wordt 37 %.

Vanaf 1 januari 2018 :

  • de verhoging van 22% wordt 23%
  • de verhoging van 37% wordt 38%

 

Vanaf 1 januari 2019 :

 

  • de verhoging van 23% wordt 24 %
  • de verhoging van 38% wordt 39 %

 

Vanaf 1 januari 2020 :

 

  • de verhoging van 24% wordt 25 %
  • de verhoging van 39% wordt 40 %

 

Wat de regularisatie van niet verjaarde sociale zekerheidsbijdragen betreft, bedraagt het tarief 15 % van de beroepsinkomsten.  Hou er rekening mee dat dit bedrag een niet-aftrekbare beroepskost uitmaakt.   Ook hier wordt in een verhoging van het 15%-tarief voorzien.  Vanaf 1 januari 2017 bedraagt het tarief 17 %, vanaf 1 januari 2018 bedraagt het 18 %, vanaf 1 januari 2019 bedraagt het 19 % om te landen tot 20% vanaf 1 januari 2020.

 

Wat betekent het regularisatieattest ?

Het attest betekent niet enkel fiscale immuniteit, maar ook een strafrechtelijke immuniteit.  Het spreekt voor zich dat dit enkel geldt voor de geregulariseerde ‘bedragen’.

Kortom het biedt enerzijds een garantie dat er geen bijkomende belastingen meer hoeven betaald te worden en anderzijds geeft het een garantie dat er in principe geen strafrechtelijke vervolging zal komen.

Het spreekt voor zich dat zaken zoals terrorisme, georganiseerde misdaad,  illegale drugshandel en wapenhandel,  mensenhandel, exploitatie van prostitutie ed niet kunnen geregulariseerd worden.

De regularisatieaangifte zal ook nu weer praktisch dienen te verlopen via het ‘Contactpunt fiscale regularisaties’. Ook de reeds bestaande rol van de CFI (Cel voor Financiële Informatieverwerking) wordt behouden.