Dat de fiscus de mogelijkheid heeft uw boekhouding te controleren is nogal evident.  Alle documenten die het belastbaar inkomen bepalen moeten op vraag van de fiscus voorgelegd worden.  Maar is dit ook van toepassing voor de bankuittreksels van privé rekeningen ?

Bankgeheim ?

In België wordt er dikwijls gezegd dat er een bankgeheim bestaat in de directe belastingen.  Dit is (op zijn zachtst uitgedrukt) een zeer relatief gegeven.  De voorbije jaren is dit zogenaamd bankgeheim immers nog verder uitgehold.  De volgende zaken tonen dit duidelijk aan.

 Principe

Het principe is  zo dat de fiscus niet gemachtigd is om in de rekeningen, boeken en documenten van de bank-, wissel-, krediet- en spaarinstellingen inlichtingen in te zamelen met als doel het belasten van de belastingplichtige (zie art 318 WIB 92).  Ondertussen weten we dat de leasingmaatschappijen ook aan dit lijstje mogen toegevoegd worden. 

Deze algemene regel is echter niet absoluut en er kan in welbepaalde omstandigheden van worden afgeweken.  Dit bijvoorbeeld wanneer er een vermoeden bestaat van een mechanisme van belastingontduiking.  De voorbereiding van zulk een mechanisme is ook reeds voldoende.  Ook weten we ondertussen dat de fiscus gerechtigd is d.m.v. een vraag om inlichtingen bankgegevens op te vragen bij Banksys. (Cassatie 1 oktober 2004). 

De fiscus kan echter wel inlichtingen inwinnen bij o.a. de  bankinstelling in het kader van het onderzoek van een bezwaarschrift.  Dit voor zover de gevraagde informatie noodzakelijk is voor het onderzoeken van het bezwaarschrift. 

Ook telt het bankgeheim ondertussen niet meer voor de ontvanger directe belastingen.  Artikel 319bis WIB 92 verleent immers aan de ontvangkantoren alle onderzoeksbevoegdheden wanneer het gaat om de vermogenssituatie van de belastingplichtige te bepalen.  Dit met als doel om de invordering van de belasting te garanderen.

Deze zaken tonen reeds duidelijk aan dat het ‘bankgeheim’ in België dus duidelijk met een koorel zout moet genomen worden.
 
Controle

Wat de fiscus niet aan de bank mag vragen, mag ze ook niet vragen aan de belastingplichtige zelf.  Het spreekt voor zich dat de bankuittreksels van beroepsmatige rekeningen kunnen gevraagd en gecontroleerd worden.  Deze stukken maken immers deel uit van de boekhouding.  Maar de bankuittreksels opvragen van rekeningen die niets met de beroepsactiviteit te maken hebben , dus louter van een privé rekening zijn, kan duidelijk niet.  

In de administratieve commentaar nr 315/5 lezen we : “Bescheiden van loutere privé-aard, zonder enig verband met geldbeleggingen of inkomstenincasseringen, zoals bv. boeken en bescheiden betreffende huishoudelijke uitgaven, mogen niet worden opgevorderd.  De aanslagambtenaren moeten in dit opzicht met tact en doorzicht optreden, ten einde nutteloze discussies te vermijden en de belastingplichtige niet te ontstemmen. “

Wel  opletten ! Wanneer de belastingplichtige echter een welbepaalde bankrekening zowel voor privé doeleinden als voor professionele doeleinden gebruikt, dan heeft de fiscus het recht ook deze bankrekening d.m.v. haar bankuittreksels op te vragen.  Om dit te vermijden is het dan ook zinvol de privé rekening(en) en de beroepsmatige rekening(en) duidelijk van mekaar gescheiden te houden. 

Wel opletten wanneer de fiscus een onderzoek voert in het kader van een indiciaire taxatie (Cassatie 4 januari 2007).  Hier gaat de vraag om inlichtingen van de fiscus verder. Via een algemene vragenlijst kan de fiscus wel vragen naar privé rekeningen, privé aankopen, enz … zonder dat de bewijslast wordt omgekeerd.

Wat wanneer men geld overschrijft van zijn pivé rekening naar zijn beroepsrekening (omwille van bv. onvoldoende provisie op deze beroepsrekening) ? 

De fiscus kan in dit geval op zijn minst de voorlegging eisen van de bankuittreksels van de privé-rekening waarop de transferten naar het credit van de beroepsrekening staan vermeld (Vraag nr. 1222 van de heer Van Hoorebeke dd. 02.02.1998 – Vr. en Antw., Kamer, 1997-1998, nr. 143, blz. 19676-19678).