BTW-eenheid, iets voor u?

Dikwijls heeft of wenst men naast de exploitatievennootschap een patrimoniumvennootschap (die een nieuwbouw optrekt en verhuurt aan de exploitatievennootschap).  Om de BTW op deze nieuwbouw te kunnen aftrekken is niet altijd evident.

De BTW-eenheid is hier een mogelijkheid

Over de BTW-eenheid is vandaag al het één en het ander verteld en geschreven.

Dat de BTW-eenheid in een aantal gevallen een voordeel kan opleveren is duidelijk. We overlopen kort de kenmerken en het voordeel ervan.
De leden van een BTW-eenheid worden als één belastingplichtige aanzien.
Enkel de in België gevestigde BTW-belastingplichtigen kunnen deel uitmaken van een BTW-eenheid.  Maar onder voorwaarden.  De leden moeten een economische activiteit uitoefenen doch deze activiteit kan een btw-activiteit zijn die al dan niet een recht op aftrek van de BTW genereert.

Om toe te treden tot een BTW-eenheid worden er drie voorwaarden cumulatief opgelegd: de leden moeten financieel, economisch en organisatorisch met elkaar verbonden zijn:

• Financieel :

Tussen de leden moet er een rechtstreekse of onrechtstreekse controleverhouding bestaan.

• Economisch :

De voornaamste werkzaamheid van ieder van de leden van de groep is hetzij van dezelfde aard. hetzij de werkzaamheden van de leden vullen elkaar aan of beïnvloeden elkaar.  Of nog, ze kaderen in het nastreven van een gezamenlijk economisch doel of de werkzaamheid van de ene belastingplichtige  wordt uitgeoefend ten behoeve van de anderen.

• Organisatorisch
De leden van de groep staan onder een gemeenschappelijke leiding of de leden organiseren hun werkzaamheden in gemeenschappelijk overleg of de leden staan onder de controlebevoegdheid van één persoon.

De BTW-eenheid is echter geen verplichting, doch wel een optie. Tenzij wanneer een vennootschap die deel uitmaakt van een BTW-eenheid een rechtstreekse participatie heeft van meer dan 50% in een vennootschap.  Deze laatste moet dan ook opgenomen worden in de BTW-eenheid.

De BTW-eenheid houdt op te bestaan zodra één van de voorwaarden niet langer vervuld is.  Vrijwillig kan een lid er ook uittreden doch pas vanaf 31 december van het derde jaar volgend op hun toetreding.

Een eerste voordeel is dat een lid van de fiscale eenheid bij onderlinge prestaties geen BTW dient aan te rekenen wat de voorfinanciering van de BTW vermijdt.   De BTW-eenheid betekent bijkomend ook dat een aantal administratieve verplichtingen voor de leden van de BTW-eenheid verminderd worden.
Let wel dat de BTW-eenheid tot gevolg heeft dat de leden ervan hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de betaling van de BTW van elkaar.  Dit kan dan weer een nadeel vormen van de constructie.

Waar zit hem nu een belangrijk voordeel ?
Het vormen van een BTW-eenheid tussen beide is hierbij mogelijk interessant.  Wat de aftrekbaarheid van de BTW op de nieuwbouw betreft, moet er naar de uiteindelijke bestemming van het gebouw binnen de BTW-eenheid gekeken worden. M.a.w. het gebruik door de exploitatievennootschap is van belang en niet de verhuur door de patrimoniumvennootschap aan de exploitatievennootschap van het gebouw.

De betaalde BTW is nu recupereerbaar in de mate waarin het gebouw wordt gebruikt voor de uitoefening van de BTW-activiteit door de exploitatievennootschap.  Als de exploitatievennootschap 100% van de BTW kan recupereren dan betekent dit ook dat de BTW voor 100% op de nieuwbouw kan gerecupereerd worden.