De vorige zaken hadden hun belang bij een gemeenschapsstelsel.  Maar niet iedereen is gehuwd onder dit stelsel. 
Zelfstandigen zijn dikwijls gehuwd met scheiding van goederen om op die manier een bescherming naar faling, … in te bouwen. Alsof-beding Bij scheiding van goederen is het zo dat er in principe maar sprake is van twee vermogens : het vermogen van de man en het vermogen van de vrouw. Het betreft hier een interne correctie aan het stelsel van scheiding van goederen.  D.w.z. naar derden toe werkt het niet door. In het huwelijkscontract wordt een verrekeningsbeding opnemen.  Dit betekent dat de ene partner t.o.v. de andere een vordering heeft. 
 
Op deze manier worden soms extreme ongelijkheden uit de weg geholpen.  Want bij scheiding van goederen is het zo dat op wiens naam het vermogen staat in principe ook van die persoon eigendom is.  Met zulk een (finaal en facultatief) verrekeningsbeding wordt hieraan verholpen.  Men bepaalt volgens een gekozen verdeelsleutel hoe het vermogen moet verdeeld worden. 
 
Dit kan zowel n.a.v. een overlijden als n.a.v. een echtscheiding. De term alsof-beding komt uit Nederland en verwijst naar het feit dat de partners verrekenen alsof zij zouden gehuwd zijn onder een stelsel van algehele gemeenschap. Er wordt best geopteerd voor een finaal en facultatief verrekeningsbeding.
-Finaal : vermits we niet als boekhouders constant alles moeten afwegen, wordt het uitgesteld tot de ontbinding van het huwelijk : echtscheiding of overlijden
-Facultatief : zoniet zou de echtgenoot die een schuld heeft t.o.v. de andere hierop successierechten moeten betalen bij het overlijden van de andere partner. Fiscaal heeft het ook een merkelijk voordeel m.b.t. de successierechten. 
 
Indien het verrekeningsbeding enkel betrekking heeft op de aanwinsten (vermogen dat tijdens het huwelijk onder bezwarende titel werd verworven) dan zijn er geen successierechten verschuldigd. 
 
Het verrekeningsbeding wordt hier ook als een huwelijksvoordeel aanzien (binnen beperkingen) wat betekent dat de regels van inkorting ook hier niet spelen, behoudens twee uitzonderingen (zie boven).  Bv.  echtpaar , gehuwd met scheiding van goederen.  Het vermogen van de man bedraagt 800.000 euro en het vermogen van mevrouw bedraagt 200.000 euro.  Het gezamenlijk bedrag aan beide eigen vermogens die opgebouwd werden tijdens het huwelijk (de aanwinsten genoemd), bedraagt 1.000.000 euro (ook verrekenmassa genoemd).  Elke huwelijkspartner heeft recht op de helft van deze massa ofwel 500.000 euro. 
 
Bij (bv) het overlijden van de man heeft de vrouw recht op 300.000 euro (vordering op zijn nalatenschap).  Vermits de vordering van mevrouw (300.000 euro) samen geteld met haar eigen aanwinsten (200.000 euro) niet meer bedraagt dan de helft van de totaliteit van de aanwinsten (helft van 1.000.000 euro) is deze vordering volledig een huwelijksvoordeel en vrij van successierechten. Als mevrouw eerst sterft dan moet de man 300.000 euro betalen aan de nalatenschap van mevrouw.  Dit zou betekenen dat de man successierechten hierop zal moeten betalen. 
 
Dit wordt vermeden door het facultatieve karakter van het beding. Beding van tontine of aanwas  Er zijn een aantal wezenlijke verschillen tussen beide.  Kort gezegd : bij een tontine-beding komt de verkoper tussenbeide.  Er wordt gewerkt met een ontbindende en een opschortende voorwaarde. 
Dit is niet het geval bij een beding van aanwas waar enkel met een opschortende voorwaarde wordt gewerkt. 
 
Een beding van aanwas kan ten allen tijde ingebouwd worden. Deze bedingen komen meestal voor bij ongehuwden.  Het klassieke voorbeeld is de aankoop van een woning.  De reden hiervan is de langstlevende ongehuwde parter enige zekerheid te bieden. Niettegenstaande kan dit ook van toepassing zijn voor gehuwden. 
 
Enkel die gehuwden die hetzij gehuwd zijn met scheiding van goederen of gehuwden met een gemeenschapsstelsel indien de aankoop gebeurt met eigen gelden.  Gehuwden onder het wettelijk stelsel kunnen dit niet toepassen wanneer er van enig eigen vermogen geen sprake is.  Hierbij is van belang dat de kans dat beide personen komen te overlijden gelijk is m.a.w. ze moeten van dezelfde leeftijd zijn en een zelfde gezondheidstoestand kennen.  Dus de kans op “winst of verlies” dient gelijk te zijn zoniet kunnen we niet spreken over een kanscontract maar dan spreken we over een schenking. 
 
Met een leeftijdsverschil of een ziekte dient dus rekening gehouden te worden.  Dit kan weggewerkt worden d.m.v. de aankoopprijs van elk stuk van de beide partijen te laten verschillen, m.a.w. er zal een vorm van compensatie plaatsvinden Deze bedingen hebben ook een aantal voordelen en niet enkel fiscaal.Door de werking van het beding komt het niet in de nalatenschap.  Erfgenamen blijven er volledig buiten wat anders niet het geval is. 
 
Zij zouden immers de omzetting van het vruchtgebruik kunnen vragen (zie boven).  Via zulk een beding moet men ook opletten naar de kinderen toe.  Het erfrecht speelt hier niet wat betekent dat zij buiten spel worden gezet (vergelijkbaar met verblijvingsbeding).Een tontine of beding van aanwas kan enkel opgezegd worden wanneer ze beide akkoord gaan. 
 
Dit is anders wanneer er met een testament wordt gewerkt. Bij de uitwerking van zowel het beding van tontine of aanwas zijn er registratierechten verschuldigd.  Maar deze zijn enkel van toepassing voor onroerende goederen en niet voor roerende goederen.  Kortom een beding van aanwas kan zeker zijn voordeel hebben bij bv. een aanzienlijke beleggingsportefeuille. 
 
Trouwens i.g.v. het beding betrekking heeft op een onroerend goed dan zijn de registratierechten van 10% van toepassing.  Afhankelijk van het vermogen zijn deze lager dan de successierechten die kunnen oplopen tot 27%, tenzij het de gezinswoning betreft. Aanvankelijk stelde de Administratie dat zulk een beding tussen echtgenoten altijd een schenking inhield (met alle fiscale en civielrechtelijke gevolgen vandien) omdat zij uit bezorgdheid om elkaar handelen.  Dit in tegenstelling tot anderen die veelal eerder speculatief handelen.  Vandaag wordt dit standpunt echter verlaten. 
 
Trouwens waarom zou er hier een verschil moeten gemaakt worden tussen gehuwden en samenwonenden ?  Het uitdrukkelijk opnemen van het bezwarende karakter in de akte wordt dan ook geadviseerd..Wat merken we hierbij op  Het huwelijkscontract heeft een aantal gevolgen wat de overgang van het vermogen betreft.  Via een gekozen huwelijkscontract kan er civielrechtelijk een aantal zaken gerealiseerd worden. 
 
Dat dit fiscaal ook gevolgen heeft, is duidelijk.  Doch de fiscale gevolgen hoeven zeker niet nadelig te zijn, integendeel.  Vandaag is het huwelijkscontract ook een vorm van fiscale planning.  Kortom het huwelijkscontract moet zeker al eens terug aan uw notaris voorgelegd worden en niet ver wegstoppen.