//Alles over de rekening courant

Alles over de rekening courant

Een vennootschap heeft niet zelden een tekort aan liquiditeiten om bepaalde investeringen uit te voeren.  De vraag hierbij is waar deze liquiditeiten wel vandaan dienen te komen.  Er zijn twee mogelijkheden ofwel klopt de vennootschap bij haar aandeelhouder aan ofwel doet ze dit bij haar (huis)bankier.  Dikwijls komt de rekening courant ook ter sprake wanneer een zelfstandige (ondernemer of vrije beroeper) een omvorming doet naar een vennootschap.  Hij verkoopt hierbij zijn éénmanszaak/praktijk aan zijn vennootschap.  Dat de vennootschap hiervoor dient te betalen is evident, maar minder evident is hoe en wanneer.   Zeggen dat de piste van de omvorming omwille van fiscale motieven gebeurt, is niet nieuw.  De eindtaxatie n.a.v. deze verkoop verloopt veelal gunstig.  De meerwaarde op het materieel vast actief wordt belast tegen een gunstig tarief van 16,5% (te verhogen met gemeentebelasting) en de meerwaarde die gerealiseerd wordt op de goodwill wordt, binnen bepaalde grenzen, belast tegen 33% (te verhogen met de gemeentebelasting);  Hier bestaat echter ook een tarief van 16,5%.  Dat er ook sociale bijdragen moeten betaald worden is in de praktijk minder relevant omdat de sociale bijdragen voor zelfstandigen geplafonneerd zijn.   Een aantal mogelijkheden (al dan niet gecombineerd) doen zich voor. 

a) de éénmanszaak wordt verkocht en de vennootschap leent bij een financiële instelling 
Hierbij ontvangt de overdrager onmiddellijk zijn gelden.  De vennootschap betaalt het krediet aan de bank terug.  De intresten zijn zondermeer aftrekbaar en het kapitaal dat wordt terugbetaald is onrechtstreeks evenzeer aftrekbaar.  De vennootschap kan de overname van de éénmanszaak immers in principe fiscaal afschrijven. 

b) de éénmanszaak wordt verkocht en de vennootschap leent bij de overdrager d.m.v.  een rekening courant
Hierbij verkoopt de overdrager de éénmanszaak aan de venootschap en deze betaalt gespreid terug.  De overdrager zal de vennootschap een intrest aanrekenen die voor hem fiscaal zeer gunstig belast wordt (15% roerende voorheffing).Hier is echter een ganse levendige discussie ontstaan.  De wetgever heeft reeds verschillende jaren geleden een wetsartikel ingevoerd om dit soort operaties aan banden te leggen.  Wie een geldlening toekent aan zijn vennootschap mag een rente vragen, maar wel met de twee volgende beperkingen in gedachte.  Enerzijds mag de rente niet meer bedragen dan de marktrente en anderzijds mag de niet meer bedragen dan som van de belaste reserves bij het begin van het belastbare tijdperk en het gestort kapitaal bij het einde van dit tijdperk. En deze laatste beperking geeft meestal een probleem.  geldlening

Een vennootschap die opgericht wordt heeft overwegend enkel het minimumkapitaal.  Het saldo van de intresten dat één of beide grenzen overschrijdt wordt geherkwalificeerd in een dividend.  Doch het probleem gaat nog verder.  Het begrip geldlening leidt ook tot discussie.  Men kan inderdaad de vraag stellen of een ondernemer die zijn éénmanszaak aan zijn vennootschap verkoopt wel een geldlening heeft toegestaan aan zijn vennootschap.  M.a.w. heeft hij geld aan de vennootschap geleend ?   Dat de Administratie stelt dat dit voor haar wel degelijk het geval is, is niet verwonderlijk (zie circulaire en uitspraken van de Diest Voorafgaande Beslissingen).  Doch ook de rechtspraak is verdeeld.  Het Hof van Cassatie heeft recent geoordeeld dat een uitstel van betaling een geldlenig kan uitmaken (Cassatie 16 november 2006).  Niettegenstaande oordeelde het Hof van Beroep te Gent hierover dan weer anders (Gent 17 april 2007).

Dat hierover het laatste woord nog niet is gezegd, is dan ook duidelijk.

We mogen wel niet vergeten dat de gevolgen aanzienlijk kunnen zijn :-         

Een gedeelte van de intrest wordt geherkwalificeerd als dividend (intrest is aftrekbaar, maar dividend niet);

–          Hierdoor mogelijk het verlies van het verlaagd tarief vennootschapsbelasting;
–          Het tarief roerende voorheffing bedraagt 25% i.p.v. 15%;
–          De vennootschap geniet geen investeringsreserve;
–          Gezien het verlies van het verlaagd tarief vennootschapsbelasting, heeft de vennootschap ook te weinig voorafbetaald met een penalisatie tot gevolg;
–          Bijkomend geniet de vennootschap ook geen vrijstelling m.b.t. de penalisatie (eerste drie jaar) indien zij geen voorafbetalingen heeft gedaan. 

Wie zich in geen fiscaal avontuur wenst te storten doet er m.a.w. goed aan te bekijken of het financieel voordeel opweegt tegen de mogelijke gevaren.   Wie vandaag een rekening courant in zijn vennootschap heeft, m.a.w. een tegoed heeft op zijn vennootschap, moet zich hierover dan ook bezinnen en kijken wat de alternatieven zijn.  We bekijken er enkele van. Een rekening courant die een marktcomforme intrest oplevert en het bedrag voldoet tevens aan de tweede beperking, nl niet hoger dan de som van de belaste reserves bij het begin van het belastbare tijdperk en het gestort kapitaal bij het einde van dit tijdperk,  hoeft niets te vrezen.  Fiscaal is er dan ook geen enkel probleem. Een rekening courant echter die wel in de gevarenzone komt, nl een rekening courant die is ontstaan n.a.v. de verkoop van de éénmanszaak aan de vennootschap maar het eigen vermogen is onvoldoende (aan de tweede beperking is niet voldaan), dient misschien dan wel aangepakt te worden. Hierbij kunnen de twee volgende strategieën onderzocht worden : 

1.De uitbetaling via een banklening

De vennootschap herfinanciert haar schuld via een bankkrediet.  Het probleem is m.a.w. in één keer van de baan.  Of dit überhaupt minder interessant is, is nog maar de vraag.  Het aangerekende intrestpercentage dat de bankier aanrekent zal gevoelig lager zijn dan dat wat u aanrekent.  Voor de vennootschap is het m.a.w. goedkoper.  De beleggingsopbrengst die u vandaag uit uw bankbelegging zal halen is hierbij ook van belang.  

2.Inbreng RC in kapitaal

 U kan overwegen de rekening courant in te brengen in kapitaal, m.a.w. u overweegt een kapitaalsverhoging in natura.  De aandelen echter die voortkomen uit de omzetting van een schuldvordering  worden ook aangemerkt als aandelen ter vertegenwoordiging van een inbreng in geld (ComIB  261/102 en 261/103).  Dit betekent concreet dat uw vennootschap het verlaagd tarief roerende voorheffing van 15% op een dividenduitkering hierdoor dan ook niet verliest. Een verhoging van het kapitaal betekent ook dat de zogenaamde notionele intrestaftrek meer zal spelen met een uiteindelijke verlaging van de vennootschapsbelasting als resultaat.  

Besluit Een rekening courant kan voordelig uitvallen.  Maar het financieel voordeel dat u hiermee doet moet grondig berekend worden.  Een rekening courant die onstaan is uit een uitstel van betaling n.a.v. de verkoop van de éénmanszaak ligt meestal een pak delicater.  U dient dan ook af te wegen of het wel aangewezen is in deze gevarenzone te blijven en of er niet aan een alternatief moet gedacht worden.  Een berekening zal uitmaken welk alternatief het meest voordelige is.  Op deze manier vermijdt u de ganse discussie en mogelijk procedureslag. Want ‘gelijk hebben’ in fiscaliteit betekent nog niet ‘gelijk krijgen’, maar dat wist u ongetwijfeld al … 

2009-04-02T10:01:51+00:00
Dinsdag 19 december  2017 - 11:00u

Gratis Seminar: Bulgarije, Ster in Europa

In een handomdraai krijgt u een overzicht van de mogelijkheden in Bulgarije en de belangrijkste componenten voor ondernemers:
  • 10% personenbelasting
  • 10% vennootschapsbelasting
  • 10%, de loonkost bedraagt slechts 10% van een gemiddeld Belgisch/Nederlands loon
JA, IK WIL ME INSCHRIJVEN

De 112 Meest Begeerde Fiscale Tips - Editie 2017


Voor al wie belastingontwijking een mensenrecht vindt, 112 haalbare en praktische fiscale tips 
GRATIS INKIJKEXEMPLAAR
Click Me