IS HET OPMAKEN VAN EEN PLAATSBESCHRIJVING VERPLICHT ?

ANTWOORD

Op het einde van de huurovereenkomst moet de huurder het gehuurde goed terug geven, in dezelfde staat waarin het zich bevond bij het aangaan van de huurovereenkomst. Dit met uitzondering van wat door overmacht of ouderdom is teniet gegaan of beschadigd.

Om te kunnen uitmaken of de huurder het goed inderdaad in dezelfde staat terug geeft als bij de aanvang van de huurovereenkomst, is het dus aangeraden om een plaatsbeschrijving bij intrede op te maken. Maar een wettelijke verplichting is het dus helemaal niet.

Elke partij, zowel huurder als verhuurder, hebben het recht te eisen dat er een plaatsbeschrijving wordt opgemaakt. Dit recht is contractueel niet uit te sluiten. Zijn huurder en verhuurder echter akkoord dat er geen plaatsbeschrijving wordt opgemaakt, dan doen ze wettelijk gezien niets verkeerd.

ADVIES

Bent u verhuurder. U heeft er dan àlle belang bij een duidelijke en omstandige plaatsbeschrijving op te maken. Doet u dit niet en is er schade bij het verlaten van de woning die te wijten is aan de huurder, dan is het aan u als verhuurder om te bewijzen dat de huurder de schade veroorzaakte. Als er geen plaatsbeschrijving is opgemaakt, dan gaat men er immers van uit dat de huurder het goed heeft terug gegeven in de staat waarin hij het ontving. Een plaatsbeschrijving die u als verhuurder éénzijdig opmaakt bij uittrede heeft geen waarde, de huurder moet hierbij aanwezig zijn. Het moet om een zogenaamde tegensprekelijke plaatsbeschrijving gaan.

Bent u huurder. Als huurder heeft u niet onmiddellijk belang bij een plaatsbeschrijving. De verhuurder heeft wel het recht om het te eisen.

WETTEKST

Artikel 1730 Burgerlijk Wetboek
§1 Elke  partij kan eisen dat, op tegenspraak en voor gemeenschappelijke rekening, een omstandige plaatsbeschrijving wordt opgemaakt.