Regelmatig krijgen we vragen over wat eigenlijk een aandelenoptie plan is. We leggen het hier uit in enkele lijnen.

Een optieplan is een plan (meestal) bestemd voor de personeelsleden (of bedrijfsleider(s)) van de vennootschap waarbij zij opties verkrijgen hetzij op het aandeel van de vennootschap zelf (werkgever) of een derde vennootschap (bv. BEVEK).

Met deze opties heeft men het recht het onderliggend aandeel tijdens een afgesproken periode tegen een reeds bepaalde prijs te verkrijgen. De bedoeling is natuurlijk dat het aandeel nadien voor een hogere waarde kan verkocht worden.  Het verschil (de winst) wordt m.a.w. niet langer belast.

Dit geeft voor de genieter een belastbaar voordeel dat forfaitair bepaald wordt.  De raming is afhankelijk van de waarde van de onderliggende aandelen. Het voordeel van het aandelenoptieplan is dat de belastingdruk zeer laag of toch gevoelig lager kan zijn. Doch het nadeel van het systeem is dan weer dat het mogelijk is dat de werknemer of bedrijfsleider ‘vandaag’ belasting dient te betalen maar het onzeker is of er wel van enig voordeel sprake zal zijn. De evolutie van de de opties en dus het achterliggend aandeel is hierbij immers van belang.

Voorbeeld
Uw vennootschap overweegt u een bonus toe te kennen van 10.000 euro. Wat is het uiteindelijk verschil indien er gewerkt wordt met een courante bezoldiging of met een optieplan ?

Het betreft opties op aandelen die een waarde kennen van 200 euro. De kostprijs van de optie bedraagt 100 euro. Dit betekent dat er in totaal 135 opties (13.500 / 100) worden toegekend. De werknemer(s) ontvangt 135 opties die uit te oefenen zijn tegen 200 euro met een looptijd van (bv.) 10 jaar.  Twee jaar later beslist de werknemer de opties te verkopen aan 90 euro per optie ofwel 12.150 euro (90 x 135) in totaal.  Hij houdt hiervan 9.261 euro (12.150 – 2.889) netto over. In het geval van een courante bezoldiging houdt u aanzienlijk minder van de bruto kostprijs van de bonus over.